Ondanks de crisis heeft het merendeel van de Belgen nog vertrouwen in zijn of haar werkgever. Dat blijkt uit de vertrouwensbarometer van het onderzoeksbureau Ipsos.

61 procent van de Belgen geven aan hun werkgever nog volop te vertrouwen. Het onderzoeksbureau Ipsos ondervroeg in maart van dit jaar 1050 Belgen van 15 jaar en ouder bij hun thuis over het vertrouwen dat ze koesteren jegens de Belgische instellingen. Daaruit puurden ze een vertrouwensbarometer. De resultaten van deze eerste enquête vormen de nulmeting, dus vergelijken met vorige jaren kan nog niet.

Ondanks de economische crisis blijken de werkgevers op de derde plaats te staan. Alleen het onderwijs (75 procent) en de gezondheidszorg (86 procent) boezemen nog meer vertrouwen in. 34 procent van de ondervraagden geeft zelfs aan een ‘groot’ vertrouwen te hebben in zijn of haar werkgever. Dat is meer dan het onderwijs, waar maar 27 procent dat zegtzegtzegt een ‘groot vertrouwen’ in te hebben. De politiek scoort het laagst, maar 13 procent zegt daar nog vertrouwen in te hebben.



‘Dat is inderdaad een opmerkelijk resultaat’, zegt Nele Decuyper. Ze is onderzoekster bij de cel Arbeids-, Organisatie- en Personeelspsychologie aan de KU Leuven. ‘Werknemers leggen de schuld van de crisis niet bij het werkgever. Bij herstructureringen die niets met de crisis te maken hebben, ligt dat wel anders. Nu hebben ze het gevoel dat de werkgevers er niets aan kunnen doen.’

‘Een werknemer en een werkgever gaan een psychologisch contract met elkaar aan. Dat is gebaseerd op vertrouwen. Zolang dat vertrouwen niet geschonden wordt, is de werknemer loyaal ten opzichte van de werkgever en zal hij bepaalde minder aangename beslissingen ook aanvaarden.’

‘Om dat psychologische contract ongeschonden te houden, kan een werkgever verschillende dingen doen. Om te beginnen moet een werkgever goed communiceren over de impact van de crisis op het bedrijf. Die communicatie is cruciaal’, zegt De Cuyper. ‘Het bedrijf moet ook haar werknemers consulteren over hoe ze met de crisis zal omgaan. Bovendien moet het bedrijf ook duidelijk maken dat ze vertrouwen heeft in de toekomst en het feit dat alles wel weer goed zal komen. Ten slotte is het belangrijk dat de werkgever bij alle procedures rechtvaardig te werk gaat.’

Volgens arbeidsmarktdeskundige Jan Denys willen de meeste bedrijven zoveel mogelijk mensen aan boord houden ondanks deze crisis. ‘Dus het is logisch dat ze alles doen om het vertrouwen van de werknemer proberen te behouden’, zegt Denys. ‘Het is een nieuw fenomeen dat we voordien nog niet meegemaakt hadden. Heel wat bedrijven hebben geleerd uit hun fouten. Ze beseffen dat eens de crisis voorbij is, dat ze dan weer iedereen nodig hebben. Als ze nu veel mensen ontslaan, zitten ze later eens de economie zich hersteld heeft, met de problemen en moeten ze zotte toeren uithalen om weer genoeg mensen binnen te halen. En dat kost nog meer.’

Bedrijven kiezen er dus voor hun werknemers tijdskrediet te gunnen, bijvoorbeeld. ‘Mensen gaan dan vier vijfde werken’, zegt Denys. ‘Dat werkt alleen als dat soort maatregelen betrekking heeft op iedereen. Dus zowel de directieleden als de bedienen moeten dan inleveren.’

Volgens ACV-voorzitter Luc Cortebeek heeft het vertrouwen in de werkgever eerder te maken met het feit dat ‘de werkgever voor veel mensen op dit moment de enige houvast is’. ‘De enquête is in maart afgenomen. Het is een momentopname. Als de gevolgen van de crisis zich blijven doorzetten, zullen de resultaten van zo’n enquête helemaal anders uitdraaien. In maart was er bijvoorbeeld ook nog geen sprake van de ontslagen in Duffel.’

Ipsos laat weten dat zij de enquête minstens twee maal per jaar zullen herhalen om de resultaten ook in tijd te kunnen vergelijken.