De Scheldeprijs in Schoten viert woensdag zijn honderdste verjaardag en is daarmee de oudste Vlaamse wielerklassieker. Ouder zelfs dan de Ronde van Vlaanderen, waarvan de eerste editie pas in 1913 gereden werd. De koers die het dichtst in de buurt van de Scheldeprijs komt, is het kampioenschap van Vlaanderen in Koolskamp, waarvan de eerste editie in 1908 gereden werd.
De Scheldeprijs werd lange tijd eind juli, begin augustus georganiseerd. Pas in 1987 verhuisde de wedstrijd naar het voorjaar. Eerst naar de vierde woensdag van april en sinds enkele jaren naar de woensdag na Parijs-Roubaix. Een niet zo gelukkige datum, omdat de renners van de meeste buitenlandse ploegen na de Helletocht naar huis trekken en vervangen worden door renners die meer geschikt zijn voor de lange hellingen in Nederlands Limburg en onze Ardennen. Dat is de reden waarom woensdag slechts zeven ploegen van de ProTour aanwezig zijn in Schoten.

De Scheldeprijs heeft een indrukwekkend palmares. Een erelijst waarop in feite slechts een naam ontbreekt: die van Rik Van Steenbergen. Zegekampioen is Peet Oellibrandt. De Beverenaar won in 1960, 1962 en 1963. Tom Boonen had dat record kunnen evenaren, maar de Kempenaar geeft forfait wegens ziekte.

De Scheldeprijs is dit jaar meer dan ooit de klassieker van de laatste kans in het voorjaar. Dat geldt niet alleen voor Robbie McEwen, die bij afwezigheid van Boonen de favorietenrol toegespeeld krijgt. Tom Steels, Erik Zabel, Max van Heeswijk, Niko Eeckhout en Robert Hunter verkeren in hetzelfde geval. Het is de droom van de organisatoren dat het in de jubileumeditie tot een spurtduel tussen deze tenoren komt op de Churchillaan in Schoten.