LONDEN - Kinderporno op internet wordt steeds groffer en explicieter, en het aantal foto’s en video’s met geweld is sinds 2004 verviervoudigd.
Dit is dinsdag gemeld door de in Groot-Brittannië gevestigde Internet Watch Foundation, een organisatie die jaarlijks een rapport over internet uitbrengt.

De stichting ontving vorig jaar 32.000 meldingen over potentieel onwettig beeldmateriaal op haar speciale ,,hot line'', een toename van 34 procent in vergelijking met 2005.

Toenemend geweld

Volgens stichtingsdirecteur Peter Robbins is echter niet zozeer de hoeveelheid zorgwekkend maar de toename van geweld en het groffe karakter van de beelden. ,,We hebben het over kinderen die nog geen puber zijn die worden verkracht'', zegt Robbins.

De stichting identificeerde 10.700 afzonderlijke internetadressen op ongeveer drieduizend kinderpornosites. Ongeveer 80 procent van de kinderen op de beelden zijn meisjes; 91 procent lijkt nog geen 12 jaar oud te zijn. Ruim drie op de vijf kinderpornosites worden gelanceerd in de Verenigde Staten, ongeveer 30 procent in Rusland.

Rekeningen blokkeren

Het Amerikaanse National Center for Missing and Exploited Children begon vorig jaar een proef om met behulp van financiële instellingen te voorkomen dat kinderpornosites met hun activiteiten geld genereren.

Kinderpornosites die via een credit card betaling accepteerden werden opgespoord en bij de banken aangemeld, waarna de rekeningen werden geblokkeerd.

Internationaal karakter

Het internationale karakter van internet maakt maatregelen evenwel moeilijk. Robbins zegt dat in veel gevallen meer dan één server wordt gebruikt om uit handen te blijven van justitie en politie. Soms worden fragmenten van beelden op verschillende servers, in meerdere landen, gezet, waardoor vervolging wordt uitgesloten.

Een bepaalde site werd sinds 2000 54 maal gemeld en bleek zeven verschillende servers in uiteenlopende landen te gebruiken.

De stichting van Robbins wordt gefinancierd door de Europese Unie en de internetindustrie. Ze deelt haar informatie met justitie en politie, alsmede Interpol. Robbins vindt dat bij de bestrijding van kinderporno een rol is weggelegd voor providers, omdat die de toegang tot bepaalde sites kunnen blokkeren.