LONDEN - Hoewel er de jongste jaren duidelijke vooruitgang is geboekt in de behandeling met medicijnen van hiv-geïnfecteerden, krijgen miljoenen patiënten nog altijd geen levensverlengende geneesmiddelen.
Dat maakten de VN dinsdag bekend in Londen. Wereldwijd zijn ongeveer 40 miljoen mensen met hiv besmet.

In landen met een laag tot gemiddeld inkomen krijgt slechts 28 procent van de bijna 7,1 miljoen patiënten die geneesmiddelen nodig hebben antiretrovirale middelen, geneesmiddelen die de ontwikkeling van hiv afremmen.

Het aantal behandelde hiv-geïnfecteerden in de armere landen steeg in de loop van 2006 van 1,3 miljoen tot ongeveer 2 miljoen, zo stellen de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), het VN-programma tegen aids (Unaids) en het VN-Kinderfonds Unicef. Aanvankelijk wilden de WHO en Unaids tegen 2005 ongeveer drie miljoen patiënten van aidsmiddelen voorzien.

Voor vele landen tonen de nieuwe cijfers ,,duidelijke vooruitgang'', zegt UNAIDS-directeur Peter Piot. ,,Toch maken de cijfers ook duidelijk dat er nog een lange weg te gaan is. Vooral wat betreft de behandeling die aan zwangere vrouwen wordt gegeven om te vermijden dat ze hiv overdragen op hun kind, is er nog veel werk. Dit is tot dusver nochtans een van de eenvoudigste en goedkoopste preventiemiddelen'', zegt Piot.

Momenteel krijgt in de armere landen slechts elf procent van de zwangere vrouwen die met hiv besmet zijn een behandeling om te verhinderen dat ze het virus op hun kind overdragen.