1968 - De eerste demonstraties in Kosovo door etnische Albanezen waarbij tot onafhankelijkheid wordt opgeroepen. Velen worden gearresteerd.

1974 - In de Joegoslavische grondwet komt te staan dat Kosovo een autonome provincie van Servië is.

1981 - Etnische Albanezen houden straatprotesten en eisen dat Kosovo tot republiek wordt uitgeroepen. De opstand wordt neergeslagen en er vallen tientallen gewonden.

1989 - De Servische president Slobodan Milosevic ontneemt Kosovo haar autonomie.

1990 - Joegoslavische troepen worden naar Kosovo gestuurd om de orde te handhaven. Servië ontbindt de regering in Kosovo.

1991 - Separatisten roepen Kosovo uit tot republiek, die door het buurland Albanië wordt erkend.

1992 - Ibrahim Rugova - een voorstander van de vreedzame weg naar onafhankelijkheid - wordt gekozen tot president van de zelfverklaarde republiek.

1996 - Oprichting van het Kosovaarse Bevrijdingsleger (UCK), dat de verantwoordelijkheid opeist voor bomaanslagen op de politie.

maart 1998 - Bij een actie van de Servische politie tegen veronderstelde Albanese separatisten vallen tientallen doden.

april 1998 - In een referendum wijst 95 procent van de Serviërs internationale bemiddeling in de kwestie Kosovo af. De Contactgroep voor de Balkan legt Belgrado opnieuw internationale sancties op.

mei 1998 - Milosevic en Rugova onderhandelen voor het eerst, maar de Albanese kant weigert verder overleg als het geweld escaleert.

juli-augustus 1998 - Het UCK verovert 40 procent van Kosovo, om te worden neergeslagen bij een Servisch offensief.

september 1998 - Servische troepen vallen dorpen in de regio Drenica binnen. De lichamen van 22 vermoorde etnische Albanezen worden in Centraal-Kosovo aangetroffen. Elders zouden zeker tien etnische Albanezen zijn afgeslacht.

oktober 1998 - De lidstaten van de NAVO geven goedkeuring voor luchtaanvallen op Servische militaire doelen; Milosevic gaat na overleg met de Amerikaanse gezant Richard Holbrooke akkoord met het terugtrekken van troepen en de terugkeer van vluchtelingen. Belgrado verklaart zich bereid ongewapende internationale toezichthouders toe te laten.

oktober-december 1998 - De Amerikaanse gezant Christopher Hill probeert een politieke overeenkomst te bewerkstelligen. Dagelijks geweld ondermijnt het kwetsbare bestand.

15 januari 1999 - 45 etnische Albanezen worden vermoord bij Racak. Internationale roep om een onderzoek naar oorlogsmisdaden.

februari 1999 - Beide kanten verklaren zich bereid deel te nemen aan een vredesconferentie voor Kosovo.

maart 1999 - De autoriteiten in Belgrado wijzen een onder internationale bemiddeling opgesteld vredesakkoord af. De etnische Albanezen tekenen wel.

24 maart 1999 - De NAVO begint met luchtaanvallen op Joegoslavië die 78 dagen zullen aanhouden.

maart-juni 1999 - Het Servische leger verdrijft achthonderdduizend etnische Albanezen, die vluchten naar Albanië en Macedonië.

10 juni 1999 - Milosevic gaat akkoord met het terugtrekken van troepen uit Kosovo nadat hij ermee heeft ingestemd dat de provincie onder toezicht van de Verenigde Naties komt te staan. De NAVO staakt de bombardementen.

12 juni 1999 - Vijftigduizend NAVO-vredessoldaten worden ingezet in Kosovo. Etnisch-Albanese vluchtelingen keren terug terwijl de Servische troepen en burgers Kosovo ontvluchten na wraakacties.

februari 2002 - Rugova gekozen tot eerste president van Kosovo onder VN-bestuur. Kosovo krijgt een parlement en een regering.

oktober 2003 - De eerste directe onderhandelingen tussen Servische en etnisch-Albanese leiders sinds 1999 lopen op niets uit.

maart 2004 - Ergste etnische geweld sinds de oorlog: etnisch-Albanese groepen vallen Servische Kosovaren aan.

januari 2006 - Rugova overlijdt aan longkanker in Pristina.

februari 2006 - Onderhandelingen onder bemiddeling van de VN over de toekomstige status van Kosovo beginnen.

juli 2006 - Etnisch-Albanese en Servische leiders bijeen voor Kosovo-overleg. Geen doorbraak.

oktober 2006 - De bevolking van Servië gaat per referendum akkoord met een nieuwe grondwet waarin staat dat Kosovo een integraal deel van Servië is.

21 januari 2007 - Parlementsverkiezingen in Servië. Radicalen behalen de meeste stemmen, maar niet genoeg om een regering te vormen.

26 januari 2007 - VN-gezant Martti Ahtisaari presenteert zijn plan voor Kosovo aan de Contactgroep (Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Duitsland, Italië, Frankrijk en Rusland).

februari 2007 - Ahtisaari presenteert zijn voorstel om Kosovo een onder internationaal toezicht staande staat te maken aan de Servische president Boris Tadic en de etnisch-Albanese leiders.

april 2007 - Rusland verwerpt het voorstel van Ahtisaari in de VN-Veiligheidsraad.

juni 2007 - De Amerikaanse president George Bush zegt dat Kosovo 'liever vroeger dan later' onafhankelijk moet worden.

juli 2007 - De premier van Kosovo zegt dat het VN-proces niet werkt en dat de provincie voor het einde van het jaar onafhankelijk moet worden.

augustus 2007 - Gezanten van de 'trojka' - EU, VS en Rusland - beginnen aan een onderhandelingsronde van 120 dagen, als laatste poging om tot overeenstemming te komen.

17 november 2007 - Voormalig rebellenleider Hashem Thaci wint de verkiezingen in Kosovo en belooft dat de onafhankelijkheid snel zal komen.

december 2007 - Trojka rapporteert mislukte onderhandelingen bij VN-secretaris-generaal.

februari 2008 - De Servische president Boris Tadic wordt met nipte meerderheid herkozen, ten koste van ultranationalist Tomislav Nikolic.

17 februari 2008 - Kosovo roept de onafhankelijkheid over zichzelf uit.