De befaamde IQ-test, die de intelligentie van een persoon bepaalt, krijgt binnenkort concurrentie. Schotse vorsers hebben een nieuwe module bedacht, waarbij ons "werkgeheugen" een steutelfunctie vervult om de intellgentie te meten.
De IQ-test wordt al decennia lang door psychologen, scholen en werkgevers gebruikt om na te gaan wat de mentale capaciteiten zijn van een man of een vrouw. Hoe je problemen oplost en in welke mate je abstract redeneert spelen daarbij een essentiële rol.

De nieuwe test duidt echter andere criteria aan als maatstaf om de intelligentie van mensen te bepalen. De mate waarin wij informatie voor korte periodes kunnen opslaan en verwerken bepaalt volgens deze test de talenten die hedendaagse jongeren nodig hebben op school en, later, in het beroepsleven.

Dat blijkt uit onderzoek dat werd verricht, en binnenkort wordt gepubliceerd, door Tracy Alloway, directeur van het Centrum voor Geheugen en Kennis aan de Schotse Stirlinguniversiteit. Volgens de studie zijn testen waarbij het "werkgeheugen" van kinderen wordt gemeten een betere leidraad voor hun succes op school dan de traditionele IQ-test.

"Het werkgeheugen meet onze capaciteit voor het verwerken en onthouden van korte termijninformatie. Het draait hierbij om de vraag hoe goed we kunnen ’goochelen’ met verschillende ideeën en taken. Op dat vlak zijn er grote verschillen tussen de mensen en daarom vormt dit een betere manier om het academische potentieel te meten", aldus Alloway.

Daarenboven onderstreept zij dat de aanpak die door de Schotse onderzoekers is uitgewerkt de "culturele vooroordelen" uitschakelt die vaak een neveneffect vormen van de traditionele IQ-test en die ook meespelen wanneer de verschillen in resultaten tussen verschillende rassen ter sprake komen.

Alloway onderwierp aan het begin van deze eeuw 98 kinderen tussen 4,3 en 5,7 jaar, die voltijds naar school gingen, aan testen, zowel de traditionele als de werkgeheugentests. Zes jaar later deed ze die oefening bij dezelfde groep nog eens over, en ontdekte dat het werkgeheugen aan het begin van het onderwijsproces een betere "voorspeller" is van de resultaten die op de middelbare school en in het hoger onderwijs kunnen worden verwacht.