BRUSSEL - Ons land heeft in de internationale trafiek van mensen een disproportioneel groot aandeel. België is dus allicht een transitland voor mensenhandelaars. Dat schrijft De Morgen.
De cijfers komen uit het pas gepubliceerde 'Trafficking in persons report' van het Amerikaanseministerie van Buitenlandse Zaken. Vorig jaar behandelde het Belgische gerecht 451 gevallen van mensenhandel. Het aantal gerechtelijke dossiers van mensenhandel ligt daarmee bijvoorbeeld aanzienlijk hoger dan in Nederland, waar slechts 146 dergelijke dossiers voor de rechtbank werden gebracht. In Europa waren er vorig jaar 2.950 dossiers van mensenhandel en 1.821 veroordelingen van trafikanten.

Een vergelijking met die cijfers leert dat ons land ongeveer een zesde van alle Europese dossiers voor zijn rekening neemt. Dat is in verhouding veel en geeft een indicatie van de rol van België als operationele basis voor mensenhandelaars.

Het rapport, dat gegevens bevat over de periode tussen april 2006 en maart van dit jaar, raamt het aantal mensen dat wereldwijd door mensenhandelaars van het ene land naar het andere wordt gesmokkeld op niet minder dan 800.000. Ongeveer 80 procent van de transnationale slachtoffers zijn meisjes en vrouwen en bijna de helft zijn minderjarigen. Het grootste deel van de slachtoffers belandt uiteindelijk in het prostitutiecircuit.

'België is een transitland voor en de eindbestemming van mannen, vrouwen en meisjes die gesmokkeld worden in functie van dwangarbeid of commerciële seksuele uitbuiting', stelt het rapport. 'Vrouwen die naar België gesmokkeld worden, komen vooral uit Nigeria, Albanië, Bulgarije, Roemenië en de Volksrepubliek China. Via België belanden ze ook in andere Europese landen, zoals Groot-Brittannië. Mannelijke slachtoffers worden naar België gesmokkeld om er dwangarbeid te verrichten in restaurants, cafés, illegale ateliers en de bouwsector. In 2006 rapporteerden de Belgische opvangcentra voor slachtoffers een toename van het aantal mannelijke slachtoffers die tot dwangarbeid worden verplicht.'

Het rapport heeft lof voor de inspanningen van de Belgische regering om de plaag van mensenhandel in te dijken. België veroordeelde 45 mensenhandelaars tot celstraffen van gemiddeld drie tot vijf jaar.

Gespecialiseerde centra vingen 445 slachtoffers op. Onze regering zou volgens het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken evenwel meer inspanningen moeten doen op het vlak van de 'bewustmaking voor de problematiek van mensenhandel'. Ook het 'inwinnen van nauwkeurige gegevens over het vervolgingsbeleid door het gerecht' kan nog verbeteren.

Het Centrum van Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR), dat belast is met de specifieke opdracht om het beleid inzake mensenhandel en -smokkel te stimuleren, beoordeelt de Amerikaanse cijfers als realistisch.