GAZA-STAD - Israëlische tanks en bulldozers zijn zaterdagochtend de autonome Palestijnse Gazastrook binnengevallen. In de stad Beit Hannoun openden zij het vuur op een Palestijnse politiepatrouille. Vier Palestijnen, onder wie een twaalfjarig jongetje, zijn omgekomen. Ook is de stad aangevallen door Israëlische Apache-helikopters. De Israëli's hadden zaterdagochtend de helft van Beit Hannoun bezet en legden er een uitgaansverbod op. Ondertussen hebben de troepen zich teruggetrokken. Zaterdagavond zijn opnieuw doelen in autonoom Palestijns gebied in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever aangevallen.
Het is de eerste keer sinds de oprichting van de Palestijnse Autoriteit in 1994 dat het Israëlische leger ergens in autonoom Palestijns gebied een uitgaangsverbod oplegt aan de bevolking.

Vrijdagavond had de Israëlische luchtmacht voor de derde achtereenvolgende avond doelen in Gaza-stad gebombardeerd. Daarbij raakten zeventien Palestijnen gewond, onder wie vrouwen en kinderen, aldus bronnen in ziekenhuizen.

Bij de confrontatie in Beit Chanun raakten ook 18 Palestijnen gewond. Israëli's trokken er zaterdagochtend met 20 pantservoertuigen binnen om vermoedeijke extremisten op te pakken. De voertuigen werden door honderden Palestijnse jongeren met stenen bekogeld. 13 vermoedelijke terroristen werden aangehouden.

In een mededeling van het leger werd Beit Chanun een "bolwerk van Hamas" genoemd, "waar talrijke aanslagen worden gepland"