BAGDAD - Het tweede proces van Saddam Hussein, in verband met de Anfal-campagne tegen de Koerden in de jaren ’80, is na negentien dagen hervat.
Saddam en zes medeverdachten worden ervan verdacht verantwoordelijk te zijn voor de dood van tienduizenden Koerden. Honderden dorpen werden met de grond gelijk gemaakt, aldus de aanklagers, en er werden chemische wapens ingezet. Bovendien zou de bevolking van het gebied zijn samengedreven in gevangenkampen, waaruit veel mannen spoorloos zijn verdwenen. Saddam en zijn medeverdachten kunnen worden veroordeeld tot ophanging als ze schuldig worden bevonden.

,,Mijn boodschap voor het Iraakse volk is dat ze geen schuldgevoel moeten hebben over het doden van Koerden'', zei Saddam kort voordat de zitting werd verdaagd tot dinsdag. Hij beschuldigde de Koerdische getuigen ervan sektarisme en racisme aan te wakkeren. ,,Alle getuigen in de rechtszaal zeggen dat ze zijn onderdrukt omdat ze Koerden zijn'', riep hij. ,,Ze proberen verdeeldheid te zaaien tussen Koerden en Arabieren en ik wil dat de bevolking van Irak dat weet.''

Saddam zei verder dat de Koerden onder zijn regime dezelfde rechten genoten als ieder ander en dat hij alleen de opstandigen onder hen aanpakte. Maandag werden drie getuigen gehoord. Katreen Elias Mikhail, een Koerdische christen en voormalig strijdster, zei dat op 5 juni 1987 vier Iraakse vliegtuigen een regen van bommen op de stad Qalizewa lieten vallen.

,,Ik rook iets smerigs en vreemds'', zei ze. Samen met een vriend en tientallen andere mensen zat ze in een schuilkelder, vertelde ze. ,,Ik hoorde kameraad Abu Elias roepen: is er hier een dokter? Mensen vielen op de grond. Ze gaven over en hun ogen waren verblind. We waren allemaal bang. Het was de eerste keer dat we bommen op onze hoofden zagen neerkomen'', zei Mikhail. Een vriend zei tegen haar dat de stad was getroffen door chemische wapens. Toen de rook was opgetrokken, zag Mikhail mensen met brandwonden en mensen die blind waren geworden. Zelf kon ze nog een klein beetje zien, zei ze.

Een andere getuige, Ahmed Abdul-Rahman, zei dat hij vier maanden lang in de gevangenis werd gemarteld in verband met de campagne. De Koerd Sardar Ali Salih zei dat hij twee broers was verloren, dat zijn dorp was platgebrand en dat zijn vee werd gestolen bij een operatie door het leger in 1987. Hij werd samen met 125 anderen gearresteerd. Van de helft van die groep is nooit meer iets vernomen, de andere helft werd vrijgelaten. ,,In de gevangenis sloegen ze en martelden ze ons. Ik zat daar drie maanden'', zei Salih.

Saddam en zijn neef Ali Hassan al-Majid zijn beschuldigd van genocide. De aanklager zal moeten aantonen dat ze van plan waren een deel van de Koerdische bevolking uit te roeien. Aan de Anfal-campagne heeft Al-Majid zijn bijnaam Ali Chemicali te danken. Naar verwachting duurt de Anfal-rechtszaak nog maanden. Mogelijk kwamen bij de legeroperaties vijftigduizend tot 180.000 Koerden om. Volgens Saddam was de operatie alleen gericht tegen Koerdische rebellen die steun verleenden aan Iran. Irak en Iran voerden in de jaren ’80 een bloedige oorlog.

In oktober doet de rechtbank uitspraak in de eerdere zaak tegen Saddam, over de terechtstelling van 148 sjiieten na een moordaanslag op Saddam in het stadje Dujail. Ook in deze zaak kan Saddam de doodstraf krijgen.