In Libanon zijn zondag gevechten uitgebroken tussen Hezbollah-strijders en aanhangers van de regeringsgezinde Druzenleider Walid Jumblatt. Er wordt gevochten in de bergen ten noorden van Beiroet, maar de explosies en het geweervuur waren tot in de hoofdstad te horen.
Het sektarische geweld tussen soennitische regeringsaanhangers en de sjiitische oppositie heeft in vijf dagen aan 38 Libanezen het leven gekost. Beiroet zelf beleefde na een oproep van het leger aan Hezbollah om zijn strijders van straat te halen een rustige nacht. De Libanese premier Fuad Saniora riep het leger zaterdag op om in het hele land de orde te herstellen en de ’gewapende coup’ van Hezbollah ongedaan te maken.

Ook in het noorden van Libanon en met name in de stad Tripoli vochten sjiieten zondag tegen soennieten, maar het leger kwam hier tussenbeide. In Caïro zouden zondag Arabische ministers van buitenlandse zaken bijeenkomen om een oplossing te bedenken voor de huidige crisis. Door een politieke patstelling heeft Libanon al zeventien maanden geen president.

De vlam sloeg de afgelopen week in de pan na het besluit van de regering om het telefoonnetwerk van Hezbollah illegaal te verklaren en het ontslag van de veiligheidschef van het internationale vliegveld vanwege veronderstelde banden met Hezbollah. Hezbollah-leider Hassan Nasrallah sprak van een ’oorlogsverklaring’. Het leger heeft Hezbollah sindsdien aangeboden om het verbod en het ontslag beide terug te draaien.

Buurland Israël zei zondag dat het rekening houdt met opnieuw een burgeroorlog in Libanon en dat Israël zich daar niet in wil mengen. De Libanese regering wordt gesteund door het Westen en Hezbollah door Syrië en Iran.