WERCHTER - De voorverkoop liep niet echt goed, maar uiteindelijk kwamen toch 30.000 fans naar de Stones kijken. Zij zullen het zich niet beklagen, want die speelden een moordset.
Er waren verkeersproblemen, veroorzaakt door een ongeval op de E314 en door een fout ingeschatte verkeerssituatie: als 30.000 mensen met de auto naar een klein dorp rijden — omdat de laatste bus van De Lijn om halfelf uit Werchter vertrok, twintig minuten na aanvang van het concert — dan kun je maar beter wat agenten inzetten op kruispunten rond dat dorp.

Dat was nu niet het geval, met een totaal verkeersinfarct tussen Haacht en Werchter tot gevolg. De terugtocht, een paar uur later, was nochtans wél vlekkeloos geregeld.

Maar wie deed ons slechte humeur als sneeuw voor de zon verdwijnen? Voorwaar die oude mopperpot Van Morrison, die een op maat van festivalweiden gesneden set meebracht. Hij trapte af met wat vuile rhythm ’n blues, hield het tempo daarna hoog met countryversies van ‘Moondance’ en ‘Bright side of the road’, greep vaak naar zijn sax en eindigde met de prijsbeesten ‘Brown eyed girl’ en ‘Gloria’.

Jammer voor wie zijn set miste, en dat waren er toch heel wat: het volk bleef tijdens zijn set toestromen, jong — dat er examens zijn was niet te merken — en oud. Het publiek was dan wel maar half zo groot als vier jaar geleden, er waren meer muziekfans en minder fans van grote evenementen; dat kwam de sfeer ten goede.

The Rolling Stones begonnen er uiteindelijk niet om halftien aan, maar tien na tien, zoals verwacht met ‘Start me up’. Er ontplofte wat vuurwerk, op het scherm ontplofte zowaar een heelal, in de wegspattende stukjes zaten de gezichten van Keith Richards, Mick Jagger, Ron Wood en Charlie Watts, en heel even ook een naakte pinup.

Toen liep Keith Richards als eerste het podium op terwijl hij de fameuze riff speelde, raasde Jagger hem voorbij als een witte tornado, en was het de beurt aan de wei om te ontploffen.

‘Toeren in Europa geeft Mick de kans om zijn talenkennis uit te testen’, had Ron Wood voor aanvang gezegd tegen het persbureau ap. Het was niet gelogen: na ‘Shattered’ begroette de zanger ons met een voortreffelijk ‘Goedenavond Werchter!’

Twee nummers verder, in Nederlands met een Engels en Frans accentje, meldde hij ‘we zijn al een wèk in Brussel en we voelen ons ‘ier thois’. Guy Verhofstadt hoorde hem met een brede glimlach aan.

Ondertussen waren de extra muzikanten erbij gekomen: de verrukkelijke zangeres Lisa Fischer, zangers Bernard Fowler en Blondie Chaplin, toetsenist Chuck Leavell en een vierkoppige blazerssectie waarin vooral saxofonist Tim Ries regelmatig mocht schitteren.

Jagger, die uitstekend bij stem was, had de drie backingzangers niet nodig om zijn stem uit te vullen. Integendeel, hij ging er regelmatig mee in duel en zong moeiteloos het hoogst in nummers als ‘Can’t you hear me knocking’. Dat nummer was niet het enige dat lang werd uitgesponnen, eerst met een saxofoonsolo, dan met een duel tussen Mick Jagger en Ronnie Wood op respectievelijk bluesharmonica en -gitaar, tot Charlie Watts er met twee tikjes een einde aan maakte.

Ondertussen was het bijna elf uur, en konden we het podium in al zijn kleurenpracht bewonderen: de twee vleugels van vijf etages die links en rechts ven het grote scherm oprezen, bestonden uit honderden verticale lichtschachten.

En opvallend: als wij nat werden, dan de Stones ook, want het podium was niet overdekt, zodat het er licht en weids uitzag.

‘Dit is onz’ erste concert vèn de tour et je suis ravi que ça soit en Belgique!’ riep Mick. Maar toen viel er even een paar minuten verwarde stilte - kinderziekten bij een ‘erste concert’ of ouderdomsziekten bij de band? Geen idee, maar muzikaal bleef het optreden op zeer hoog niveau staan.

De groep speelde met hoorbaar enthousiasme ‘I get crazy’ van James Brown, met een gewéldige paringsdans tussen Lisa Fischer en Jagger en alweer een mooie solo van Ries. Richards mocht niet één, maar twee nummers zingen: ‘I wanna hold you’ en 'Slippin' Away'. Hij kon de hulp van de backingzangers wél gebruiken, vooral in dat laatste nummers, maar grapjes als ‘Good evening. It must be good, because I’m here’ of de mooie solo die hij aan ‘I wanna hold you’ breide maakte alles goed.

De surprise van de avond was het optreden op het kleine podium, dat op rails naar achter in de wei liep terwijl de vier Stones en bassist Darryl Jones ‘It’s only rock-‘n-roll’ speelden. De fans aan de lichttorens kregen even een privé-concertje, terwijl de rest enkel reikhalzend kon toekijken, want op het grote scherm was niets te zien.

‘It’s all over now’ kreeg heerlijk swingende drums mee, ‘Satisfaction’ rockte vierkant vooruit, en tijdens ‘Honky tonk women’ reed het kleine podium terug naar het hoofdpodium, waar een gigantische opblaasbare tong ondertussen zachtjes op en neer wiegde.

‘Paint it black’ en ‘Jumping Jack Flash’ kregen even stormende versies mee; de toegift bestond uit ‘Sympathy for the devil’ en vuurwerk. Vier jaar geleden gaven ze op dezelfde plek een wat matte greatest hits show, maar anno 2007 hebben de Stones teruggegrepen naar hun eigen versie van de blues, met een sexy en muzikaal opwindende show als gevolg.