KATHMANDU - De top van zeven Zuid-Aziatische staats- en regeringsleiders in de Nepalese hoofdstad Kathmandu is zondag beëindigd. De landen hebben er zich in een verklaring onder meer toe verbonden te strijden tegen terrorisme, armoede en de uitbuiting van vrouwen en kinderen.
De Nepalese premier Sher Bahadur Dauba riep in zijn slotrede op "te strijden tegen alle vormen van terrorisme". Volgens Dauba vormt terrorisme immers "één van de grootste bedreigingen voor de internationale veiligheid en vrede". Ook de ontwikkeling in de Zuid-Aziatische regio - één van de meest bevolkte, maar armste streken ter wereld - wordt afgeremd door verscheidene interne conflicten en de rivaliteit tussen India en Pakistan.

De spanningen tussen beide aartsvijanden, die opnieuw hoog opgelopen zijn nadat een zelfmoordaanslag in het Indiase parlement enkele weken geleden aan 13 mensen het leven kostte, overschaduwden trouwens de bijeenkomst in Nepal. India verdenkt Pakistan er van de organisaties te steunen die achter de aanslag zitten. Een toenadering tussen de nucleaire mogendheden is er de afgelopen twee dagen niet gekomen.

Gisteren reikte de Pakistaanse president Pervez Musharraf op de openingsceremonie van de top de hand aan de Indiase premier Atal Behari Vajpayee. Musharraf nodigde de eerste minister uit tot vredesgesprekken. Volgens Vajpayee moet Pakistan eerst een einde maken aan de extremistische terreurdaden tegen India. De militanten die het op India gemunt hebben, verblijven op Pakistaans grondgebied.

In zijn slotrede pleitte generaal Musharraf voor vrede in de regio. "Zonder langdurige vrede zal weinig vooruitgang geboekt worden", aldus de Pakistaanse president.

Naast India, Pakistan en Nepal namen ook de staats- en regeringsleiders van Sri Lanka, Bangladesh, Bhoetan en de Malediven deel aan de tweedaagse top.