CHAMBERY/MODANE - De Fréjus-tunnel tussen Frankrijk en Italië blijft na de brand van zaterdag, waarbij twee Sloveense vrachtwagenchauffeurs het leven verloren, voor onbepaalde tijd dicht.
De Italiaanse minister van vervoer Pietro Lunardi, die met zijn Franse collega Dominique Perben zondag een kijkje kwam nemen bij de tunnel, zei dat de veiligheidsmaatregelen in de Alpen-tunnels verder zullen worden aangescherpt. Er waren al extra voorzieningen getroffen als gevolg van de brand in de Mont-Blanctunnel, waarbij op 24 maart 1999 39 doden vielen, maar er zal nog meer aan de veiligheid worden gedaan, aldus Lunardi.

Beide ministers waren bijzonder te spreken over de goede samenwerking tussen de Franse en Italiaanse brandweer, die de reddingswerkzaamheden in de tunnel voor hun rekening hebben genomen.

De ramp in de 13 kilometer lange Fréjus-tunnel voltrok zich toen zaterdag een met autobanden geladen vrachtwagen in brand vloog, vermoedelijk doordat er dieselbenzine uit de truck was gelekt. Vervolgens vlogen nog een vrachtwagen en enkele andere auto's in brand. De tweede vrachtwagen die vlam vatte vervoerde lijm en verspreidde giftige stoffen, zei een woordvoerder van de Franse brandweer. Op een gegeven moment was de temperatuur in de tunnel tot 900 graden Celsius gestegen en smolt het asfalt van de rijweg onder de voeten van de brandweerlieden.

De Fréjus-tunnel vormt een belangrijke verbinding tussen Lyon in Frankrijk en Turijn in Italië. Viervijfde van het vrachtvervoer over de weg tussen beide landen gaat door die tunnel. Dagelijks rijden er gemiddeld zo'n 3.800 vrachtwagens door de tunnel. Zolang de tunnel gesloten blijft zal het merendeel van het vrachtverkeer naar de Mont-Blanctunnel moeten uitwijken.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig