SAN SEBASTIAN - Het was al een tijdje geleden dat een Belg nog een rol van betekenis vertolkt had in de Clasica San Sebastian. Jurgen Vandewalle liet zaterdag zien dat er nog Belgen zijn die bergop kunnen rijden. 'Eindelijk heb ik mijn benen om bergop te rijden teruggevonden', aldus de West-Vlaming.
'Dat ik daar zo lang naar moeten zoeken heb, heeft alles te maken met mijn uitschakeling in Parijs-Nice vroeg op het seizoen, toen ik al goed op dreef was. Toen het in de Giro beter begon te vlotten, kwam ik ten val en kon ik opnieuw naar huis. De ploegleiding gaf me daarop de raad te pieken naar de tweede helft van het seizoen. Ik moest er voor zorgen dat ik klaar ben voor de Ronde van Duitsland. Een week eerder heb ik laten zien dat het eindelijk snor zit.'

'We geraakten weg op het eerste bergje. Het tempo werd opgetrokken en achter een twintigtal renners kwam er een breuk in het peloton. We waren meteen vertrokken. Onverwacht hield ik nog altijd stand met Albasini en Arrieta op de Jaizkibel. Even heb ik in de vallei toen gedacht dat we voorop konden blijven.

Het groepje achter ons naderde slechts langzaam. Met meerdere ploegmakkers achter mij heb ik toen gespeculeerd. Ik ben niet zo rap aan de meet als Arrieta en Albasini en dus liet ik hen het meeste werk opknappen in de hoop dat ik ze in de finale met een late demarrage nog zou kunnen verrassen. Die demarrage werd echter overbodig eens we ingehaald waren.'

'Collectief hebben we een sterke prestatie afgeleverd. Twee, vijf en tien, dat maakt drie renners in de toptien. Alleen jammer dat we met Garate niet konden winnen. Nu ja, Bertagnolli kloppen in de sprint is niet zo simpel. Zelf ben ik blij dat ik in orde ben om aan de Ronde van Duitsland te beginnen. De Brixia Tour met zijn 38 graden hitte was een ideale voorbereiding voor de Clasica bij 28 graden. Ik hoop nu op een sterke Ronde van Duitsland, waarin ik vorig jaar negentiende werd. Ik wil er laten zien dat bondscoach Carlo Bomans ook aan mij mag denken voor het WK in Stuttgart. Al wordt het moeilijk binnen onze ploeg om als voorbereiding daarvoor de noodzakelijke Vuelta te kunnen rijden.'