De federale minister van Sociale Zaken, Frank Vandenbroucke (SP) kreeg gisteren, zoals verwacht, een positief antwoord van de werkgevers en de vakbonden van die sector (ziekenhuizen, rusthuizen, thuisverpleging). Hij had een compromisvoorstel voor de ruzies die gerezen waren over de arbeidsduurverkorting in die sector.
Sommige werkgevers zegden de cao over de arbeidsduurverkorting voor de 45-plussers in ,,zware beroepen'' op, omdat ze meenden dat de minister onvoldoende geld uittrok daarvoor. De vakbonden van hun kant eisten extra geld voor het uitbreiden van die werktijdverkorting tot alle 45-plussers in de federale witte sector, zoals eerder al gebeurde in de Vlaamse witte sector.

Vandenbroucke garandeert dat er voldoende geld is voor de bestaande cao, maar weigert extra geld voor de uitbreiding van de werktijdverkorting tot alle 45-plussers; hij laat de sector wel praten met PS-minister van Arbeid; die is grote voorstander van algemene werktijdverkorting; ze heeft van de regering geld gekregen om bedrijven daartoe aan te sporen; ze zou een specifieke formule kunnen uitwerken voor de witte sector.

De werkgevers aanvaardden dit voorstel, en de vakbond LBC deed dit donderdagavond ook zonder dat hij ,,dit als een nederlaag beschouwt''.

Intussen groeit de vraag of de discriminatie van de deeltijdse werknemers die in de cao's van de witte sector vervat zit, juridisch te handhaven is. De ,,landingsbanen'' hebben bjvoorbeeld tot gevolg dat voltijdse oudere werknemers die halftijds gaan werken, per maand 27.000 frank meer betaald worden dan even oude en even ervaren werknemers die al jaren deeltijds werken.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig