Somalische en Ethiopische soldaten hebben dinsdagnacht opnieuw strijd geleverd tegen rebellen/verzetslui in het zuiden van de Somalische hoofdstad Mogadishu. Beide kampen zeggen dat ze meer dan 10 slachtoffers maakten.
Door de gevechten brak er brand uit op het grootste marktplein in Mogadishu. Er zou voor miljoenen euro schade zijn.

Het Ethiopische bezettingsleger, dat de Somalische overgangsregering steunt, versloeg eind vorig en begin dit jaar de strijders van de islamitische rechtbanken die al verschillende maanden de controle voerden over het centrum en zuiden van het land, waaronder ook Mogadishu.

Sindsdien lanceren de opstandelingen guerilla-acties die vooral gericht zijn op regeringsdoelwitten of Ethiopische soldaten. De slachtoffers zijn echter vaak burgers.

De Somalische overgangsregering slaagt er niet in controle uit te oefenen over het land. De overgangsregering, waartoe een aantal 'krijgsheren' behoren, is zwak, onderling verdeeld en moet beroep doen op het Ethiopisch leger. Sinds de val in 1991 van president-dictator Mohammed Siad Barre heerst er volledige anarchie en zijn er al veertien regeringen gevormd, die nooit in hun opdracht slaagden.