DEN HAAG - Het Joegoslavië Tribunaal in Den Haag heeft de als oorlogsmisdadiger aangeklaagde voormalige moslimcommandant in het Bosnische Srebrenica, Naser Oric, van alle beschuldigingen vrijgesproken. Het hof van beroep van het tribunaal maakte daardoor een vroegere veroordeling van twee jaar gevangenisstraf ongedaan. Oric is al twee jaar vrij.
In eerste instantie was Oric voor de moord en mishandeling van Serviërs in moslimgevangenissen door onder hem ressorterende politie-eenheden in 1992 en 1993 veroordeeld. Hij had als commandant niets ondernomen om die misdaden te verhinderen of de schuldigen te bestraffen, besliste een strafkamer van het Tribunaal eind juni 2006.

Het hof van beroep laakte evenwel dat de eigenlijke daders niet voldoende geïdentificeerd werden. Daarom acht het hof het niet bewezen dat Oric voor hen verantwoordelijk was.

Reeds het vonnis in eerste instantie had twee jaar geleden al tot woede in Servië geleid. De rechtbank had verzachtende omstandigheden laten gelden met het oog op de wanhopige verdedigende strijd van de Bosnische moslims tegen de Servische overmacht in de burgeroorlog. Bovendien was hij op zijn 25ste nog onervaren en had in de chaotische burgeroorlogssituatie nauwelijks controle kunnen uitoefenen.

Het hof van beroep benadrukte in zijn oordeel dat uit de vrijspraak van Oric niet mag afgeleid worden dat er geen misdaden tegen Servische gevangenen zijn begaan.

Drie jaar later, in juli 1995, namen Bosnisch-Servische troepen Srebrenica in en vermoordden ongeveer 8.000 Bosnische moslims. Het VN-Tribunaal en het internationaal gerechtshof hadden dit bloedbad als volkerenmoord ingeschaald.