MANILLA - De Filipijnse regering heeft vandaag 'de staat van rebellie' voor de hoofdstad Manilla afgekondigd. Ze arresteert een aantal prominente oppositiefiguren. Dat is een reactie op de rellen die vandaag tussen aanhangers van ex-president Joseph Estrada en de politie zijn uitgebroken. Daarbij zijn zeker vier mensen om het leven gekomen, onder wie twee politiemannen.
De ongeregeldheden zijn uitgebroken toen twintigduizend aanhangers van Estrada optrokken naar het presidentieel paleis in Manilla om het aftreden van Estrada's opvolgster, Gloria Macapagal Arroyo, te eisen. De demonstranten staken verscheidene auto's in brand. Vanmiddag nam het geweld af.

Naast de vier doden zijn er zeker 127 gewonden gevallen, onder wie twaalf politiemensen. Verschillende slachtoffers hadden kogelwonden.

Volgens de woordvoerder van president Arroyo, Rigoberto Tiglao, gaat het om een opstand. "De strijdkrachten en de politie staan klaar om deze rebellie neer te slaan", zegt de regeringswoordvoerder. Arroyo is ervan overtuigd dat de oppositie achter de opstand zit.

Arrestaties

De minister van Justitie, Hernando Perez, heeft de arrestatie van zeker elf oppositiefiguren bevolen. Het gaat onder meer om senator Gringo Honasan, senator Juan Ponce Enrile, Estrada's vroegere woordvoerder Ernesto Maceda en de vroegere nationale politiechef Panfilo Lacson.

Estrada werd vorige week gearresteerd op verdenking van corruptie. Arroyo is hem op 20 januari opgevolgd nadat Estrada onder druk van massale protesten het presidentiële paleis had verlaten. Estrada beweert dat hij nooit is afgetreden. Rechtbanken hebben daar intussen anders over beslist.