PARIJS/BRUSSEL (reuters) -- De laagconjunctuur van de voorbije jaren heeft de migratiestromen tussen armere en rijkere landen alleen maar doen toenemen. Dat blijkt uit een rapport door de Oeso, de organisatie van industrielanden. Die migratie is meestal economisch van aard. De betrokkenen gaan elders op zoek naar werk en een inkomen.

De Verenigde Staten lieten in de jaren 2001 en 2002 meer dan 1 miljoen immigranten toe. Dat waren er 25 procent meer dan in het jaar 2000. Ook de migratiestromen naar Europese landen nam fors toe. Oostenrijk, Zwitserland en Frankrijk zagen het aantal migranten met meer dan 15 procent stijgen.

Volgens het Oeso-rapport, dat gisteren werd vrijgegeven, nam vooral de economische migratie toe, in belangrijker mate dan de internationale stromen politieke vluchtelingen en migranten in het kader van gezinsherenigingen.

Het gaat daarbij om alle soorten kandidaat-werknemers: seizoens- en vakantiearbeiders, geschoolde technici, kaderleden van multinationals, grensarbeiders.

De Oeso-lidstaten zagen in de voorbije jaren meer Aziatische migranten binnenkomen, naast veel Russen en Oekraïners, gelokt door de betere loon- en werkomstandigheden.

In nogal wat landen werden overigens de toelatingsvoorwaarden voor een werkvergunning aan buitenlanders versoepeld, met name voor gespecialiseerd personeel. Denemarken, Frankrijk, Portugal en Griekenland zijn daarvan de meeste sprekende voorbeelden, aldus de Oeso. In landen als Canada en Australië lopen zelfs speciale immigratieprogramma's om buitenlandse werkkrachten naar minder-bevolkte regio's te lokken.

De internationale politieke situatie is nooit veraf. Zo maakt de Oeso duidelijk dat 9% van alle asielaanvragen, wereldwijd, in 2002 afkomstig was van Iraakse burgers. Bijna een vijfde van alle asielaanvragen in de Oeso-landen had Groot-Brittannië als bestemming. In 2002 kreeg ,,Londen'' 110.000 asielaanvragen te verwerken. Het aantal Britse asielaanvragen steeg daarmee met 21 procent in vergelijking met 2001. In de Verenigde Staten nam het aantal aanvragen toe met meer dan 28 procent, tot 81.000.

De grootste groep asielzoekers kwam in 2002 uit Irak (51.000 aanvragen wereldwijd). Ook het aantal asielzoekers uit het voormalige Joegoslavië (33.000), Turkije (29.600), China (26.300) en Afghanistan (25.700) nam toe. Iraakse en Afghaanse asielzoekers trokken voornamelijk naar Duitsland en Groot-Brittannië, terwijl Oostenrijk en Zwitserland veelal aanvragen kregen uit ex-Joegoslavië. Chinezen wilden vooral naar de Verenigde Staten trekken.

In een aantal landen, waaronder België, daalde het aantal asielaanvragen in 2002 aanzienlijk. In België noteerde men een daling met 23,4 procent. De grootste daling was er echter in Nederland, waar het aantal aanvragen daalde met 42,7 procent.

In Europa ligt het percentage van het totale aantal buitenlanders in de bevolking het hoogste in kleine landen als Luxemburg en Zwitserland (zie grafiek) . Bovenaan de rangschikking staan ook Duitsland, Oostenrijk en België. In Ierland en Portugal is een forse stijging van het aantal buitenlanders te merken. De gemiddelde Europese percentages liggen een stuk lager dan in de VS en Canada en in Australië en Nieuw-Zeeland.