Bierbrouwer InBev moest gisteren op de beurs opnieuw meer dan 3procent prijsgeven. Na Nyrstar en Delhaize was het aandeel de slechtste presteerder binnen de Bel-20. Het is de zevende achtereenvolgende handelsdag waarop InBev achteruit gaat. Sinds de herfst van vorig jaar, toen het aandeel een hoogtepunt van 66,97 euro bereikte, is er 37procent vanaf gegaan.

Dat het aandeel moest inleveren na het bekendmaken van de plannen voor het bod op A-B, is logisch. InBev maakte bekend 40miljard dollar te moeten lenen en in een tweede fase zelfs een kapitaalverhoging te willen organiseren.

De koers blijft nu echter voortdurend onder druk staan, zonder dat er concrete ontwikkelingen in het dossier zijn.

Deels kan dat te maken hebben met de vrees van beleggers dat InBev er niet zal geraken met 40miljard euro. Het bod van 65dollar per aandeel A-B is correct, maar niet genereus. De kans is reëel dat de Amerikanen een hogere prijs zullen proberen af te dwingen.

'De koers van InBev gaat lager, enerzijds door het risico op een hoger bod (wat nu lijkt te verminderen), anderzijds door het financieringsrisico van de gigantische kapitaalsoperatie', schrijft Koen Van de Steene van Fortis. (rmg)