De Organisatie voor Olie-Exporterende Landen (OPEC) vindt dat er genoeg olievoorraad op de markt is en het oliekartel is niet bereid om zijn productie op korte termijn op te drijven. Dat heeft de voorzitter van de OPEC, Chakib Khelil, zondag gezegd, enkele uren voor de start van de olietop in Djedda.
In Djedda in Saoedi-Arabië vindt een conferentie plaats over de wereldwijde hoge brandstofprijzen. Toplui van olieproducerende en -consumerende landen buigen zich over de oorzaken en mogelijke oplossingen voor de hoge piek van de olieprijzen. Zaterdagavond liet Saoedi-Arabië, de grootste olieproducent in de wereld, weten bereid te zijn om meer olie op te pompen als de vraag nog meer stijgt. Ryiad wil de productie verhogen met 200.000 vaten per dag. De voorzitter van de OPEC ziet op dit moment geen reden om de olieproductie op te voeren. "We bestuderen de markt en komen in september samen om een beslissing te nemen. Nu zien we geen reden om de olieproductie op te drijven", aldus OPEC-voorzitter Khelil, die ook de Algerijnse minister van Energie is. Khelil vraagt zich af of er wel een onevenwicht is in vraag en aanbod. De voorzitter verwijst naar speculatie, geopolitieke spanningen en de zwakke dollar, "oorzaken buiten het bereik van de organisatie". Door speculatie zou meer olie oppompen de prijzen niet doen dalen, aldus Khelil. De neuzen van de OPEC-leden wijzen blijkbaar niet allemaal in dezelfde richting. De minister van Olie van Koeweit, Mohammed Al-Olaim, zei zondag immers dat het oliekartel wel bereid is om de productie op te voeren als de vraag dat vereist.