Oorlog, ziekte en ondervoeding hebben aan ongeveer 5,4 miljoen Congolezen het leven gekost sinds 1998, het jaar waarin de burgeroorlog in de republiek begon.
De crisis in het Afrikaanse land is daarmee het dodelijkste conflict in de wereld sinds de Tweede Wereldoorlog. Dat schrijft het International Rescue Committee (IRC) in een nieuw rapport over de gevolgen van de Congolese burgeroorlog (1998-2003).

Het IRC voerde al verschillende studies uit over de mortaliteit in de Democratische Republiek Congo tussen 1998 en 2002, en schatte het aantal slachtoffers van de oorlog toen op 3,3 miljoen mensen.

Volgens het IRC sterven nog steeds 45.000 mensen per maand in het land, zelfs nu de burgeroorlog al bijna vijf jaar afgelopen is. IRC voegt er aan toe dat het herstel een 'langdurig proces' is. 'Hoewel de oorlog officieel vijf jaar geleden beëindigd werd, eisen aanslepende en nieuwe conflicten en armoede nog steeds een grote tol', aldus IRC-voorzitter George Rupp. Het onderzoek werd gevoerd tussen januari 2006 en april 2007, net voor het conflict in Noord-Kivu uitbrak. De kans is dus groot dat het aantal doden hoger ligt en nog steeds stijgt.