(Belga) Op de derde dag van het assisenproces van Hans Van Themsche stond de getuigenis van Songul Koç (47) centraal. Zij overleefde als enige de schietpartijen van 11 mei 2006, maar is er wel zwaar door getekend. Ze is van een vrolijke, sociale vrouw veranderd in een bang iemand, die zich opsluit in haar huis.
Songul Koç kreeg een kogel in de borst, toen ze op een bankje aan de Pottenbrug in Antwerpen een boek aan het lezen was. "Ik was heel dicht bij de dood", vertelde ze woensdag huilend. Ze overleefde, maar is zowel fysiek als psychologisch nog lang niet de oude. Ze begrijpt nog steeds niet waarom ze door de beschuldigde werd neergeschoten. "Ik ben in Turkije geboren, maar ik ben hier opgegroeid en heb me aangepast aan het leven hier. Ik begrijp niet hoe hoe je mensen kunt beoordelen die je niet eens kent", zei ze. Ondanks alles wat hij haar heeft aangedaan, haat ze Van Themsche niet. Hij heeft haar zijn verontschuldigingen aangeboden, maar die kan ze niet aanvaarden. "Als ze uit zijn hart zouden komen, dan wel. Maar dat was niet het geval." Getuigen van de schietpartijen verklaarden hoe Van Themsche een lege blik in zijn ogen had en hoe hij gegrijnsd had, nadat hij de Songul Koç, Oulematou Niangadou en Luna Drowart had neergeschoten. De beschuldigde werd uiteindelijk gestopt door hoofdinspecteur Marcel Van Peel. "Hij riep dat ik hem kapot moest schieten. Toen hij zijn wapen op mij richtte, heb ik gevuurd", zei Van Peel. (VHL)