Hij bezit zijn eigen museum met werken van Pablo Picasso, Willem de Kooning en Jackson Pollock. Maar werken van die laatste zou hij vandaag niet meer kopen, zegt Frieder Burda. Hij vindt ze veel te duur.

Burda kocht zijn eerste schilderij in 1968. Het was een werk van Lucio Fontana, waarvoor hij 3.500 Duitse mark neertelde (zo'n 1.750 euro). In juni werd bij Sotheby's in Londen een schilderij van diezelfde Fontana geveild voor bijna 5miljoen dollar. Sotheby's had onlangs een Pollock in de aanbieding voor 25miljoen dollar. En een schilderij van Mark Rothko, van wie Burda er ook in zijn verzameling heeft, haalde liefst 72,8miljoen dollar, een record voor een naoorlogs kunstwerk.

De huidige kunstprijzen zijn echt op hol geslagen, zegt Frieder Burda, volgens het magazine ARTnews een van de 200actiefste kunstkopers ter wereld. Het gevaar dat de prijzen plots en snel omlaag duiken, is volgens hem reëel, zeker als ook andere markten instorten. 'De wereld is gek geworden. En er is niet alleen sprake van een zeepbel op de kunstmarkt. Er bestaat een enorm risico dat alles tegelijk zal ontploffen.'

Volgens hem zijn het ook niet de 'nieuwe' Chinese of Russische superrijken die de prijzen op de kunstmarkt opdrijven. 'De Pollocks, de De Koonings en de Rothko's gaan naar Amerikanen.'

Burda belegt in kunst met zijn eigen geld. Als jonge man werkte hij jarenlang voor het familie-imperium, dat was opgebouwd door zijn vader Franz en zijn moeder Aenne, de 'koningin van de zelfmaakmode'. Zij lanceerde in 1950 het magazine Burda Moden, dat zou uitgroeien tot het grootste modemagazine ter wereld.

Toen Franz Burda in 1986 overleed, nam de jongste zoon, Hubert, het drukkerij- en uitgeversbedrijf over. De twee andere zonen, Franz en Frieder, erfden een belangrijke aandelenportefeuille, met onder andere een groot belang in de mediagroep Springer.

Na enkele mislukte zakelijke avonturen legde Frieder zich toe op zijn eigenlijke passie: kunst. Die microbe had hij geërfd van zijn vader, die al een omvangrijke verzameling van vooral Duitse expressionisten had opgebouwd.

'Ik weet niet hoeveel mijn collectie waard is, en ik wil het ook niet weten', zegt hij. 'Ik heb nooit een schilderij gekocht om te speculeren.' In heel zijn leven heeft hij maar tien tot twintig schilderijen weer verkocht, zegt hij.

Inmiddels heeft zijn collectie een onderkomen gevonden in het Frieder Burda Museum in Baden-Baden. Het gebouw, dat ontworpen werd door de Amerikaanse architect Richard Alan Meier, opende in oktober 2004 zijn deuren. (kdr)