In theorie kunnen beleggers zich tot op de laatste dag van de debatten aanmelden als burgerlijke partij.

'Zien we nog iets van ons geld terug?'

Dat is de hamvraag van de tienduizenden beleggers die geld verloren aan de ondergang van het technologie-aandeel Lernout & Hauspie.

De aandacht die het proces in de media krijgt, maakt dat sommige beleggers toch nog de stap zetten om zich aan te melden als burgerlijke partij. Eindcijfers voorspellen over het aantal gedupeerden dat voor het hof van beroep in Gent vertegenwoordigd wordt of zich zal laten registreren, blijft daarom een huzarenstukje.

Vanochtend om negen uur hernemen de zitdagen in het proces Lernout en Hauspie in het Gentse ICC. Eén van de vragen waarmee ook het gerecht zit, is dan ook of er zich veel gedupeerden zullen aanmelden. Het proces ging officieel op 21 mei van start en mondde uit in een tussenarrest op 26 juni.

Tijdens die zitdagen werden er regelmatig 's ochtends en 's middags periodes ingelast gedurende dewelke gedupeerden zich konden aanmelden. Verwacht wordt dat ook vanochtend er enige tijd zal moeten uitgetrokken worden voor dergelijke registraties.

'Het is de voorzitter van het hof die de kalender en de agenda vastlegt', zegt een woordvoerder van het Gents parket. 'Voor mij is het ook afwachten.'

Wie in aanmerking wil komen voor (gedeeltelijke) schadeloosstelling voor zijn beleggingsverliezen op het aandeel L&H kan zijn belangen laten behartigen door tussenpersonen (die dossierkosten en een succes fee aanrekenen) of kan zelf zijn zaak bepleiten voor het hof door zich burgerlijke partij te stellen.

Test-Aankoop en Deminor vertegenwoordigen als burgerlijke partij in deze zaak 13.368 beleggers en zijn samen de belangrijkste speler aan de kant van de gedupeerden. Het is de grootste beleggingsactie ooit van hun kant. De inschrijvingen om een mandaat aan Deminor of Test-Aankoop te geven werden eind maart al afgesloten. Voor elke gedupeerde dienden Test-Aankoop en Deminor een apart dossier aan te leggen, een monnikenwerk waarvan het tijdrovend karakter zwaar onderschat werd.

Tweede belangrijkste partij is Spaarverlies. In tegenstelling tot Deminor blijft Spaarverlies actief gedupeerden rekruteren. Beide organisaties verschillen van mening over het risico op onontvankelijkheid van de 'late dossiers'. In mei en juni had Spaarverlies zelfs een eigen 'infostand' neergepoot in de hal van het Gents ICC. Test-Aankoop en Deminor blijven de voorkeur geven aan een minnelijke schikking.

De duur van het proces L&H wordt merkwaardig genoeg mee gedicteerd door de beschikbaarheid van de congreszaal. Die is door het gerecht afgehuurd tot midden december. Dat heeft twee belangrijke gevolgen: het aantal zitdagen is beperkt en de zitdagen zelf zullen in een veel meer geconcentreerde periode moeten plaats vinden dan in gelijkaardige zaken. Daar waar in principe in vergelijkbare zaken er wekelijks één zitdag is, zal het hof mogelijk de zweep erover leggen en drie tot vier zitdagen per week inlassen.

Zowel de aandacht krijgen als vasthouden, wordt dan een belangrijke uitdaging. Doordat de hele zaak bovendien rechtstreeks voor het hof van beroep komt - omdat het parket een lokale advocaat, die plaatsvervangend rechter is in Ieper, heeft gedagvaard - neemt de inzet alleen maar toe.

Voordat de gedagvaarden daaraan toekomen, zal eerst het parket (het openbaar ministerie) zijn rekwisitoor mondeling brengen.

Daarna moeten in principe de burgerlijke partijen het woord nemen.

Hoeveel dat er zullen doen en hoe lang dat zal duren, is ook al onvoorspelbaar. (pdd)