Weg met bullshit online
Foto: © Jimmy Kets
Er moet toch een manier te vinden zijn om, ook op een nieuwssite die door snelheid gedreven wordt, te beletten dat on-nieuws er zomaar circuleert. TOM NAEGELS geeft enkele aanbevelingen: wantrouwig zijn is er een van.

Eerlijk gezegd heb ik weinig zin om iedere maand een bijdrage te wijden aan hoaxen, allerlei komische, foute of bij de haren getrokken berichten die op het internet circuleren en door 'ernstige nieuwsmedia' voor waar worden gepubliceerd. Het wordt tijd dat redacties een methode ontwikkelen om zich daartegen te wapenen. In dit stuk wil ik proberen daar een aanzet toe te geven.

Allereerst, voor de duidelijkheid en om eens te lachen, is dit de recente oogst. Nederlandse scholieren zouden een nieuw toestelletje gevonden hebben om vals te spelen bij examens: de iKnow, een 'kleine kubus' die op hun hersens aangesloten is, waardoor ze 'mentale aantekeningen' zouden kunnen raadplegen. Het ging om een verzonnen verhaal uit de Nederlandse Metro, die bij wijze van stunt een 'krant uit de toekomst' had uitgebracht. (hln.be en demorgen.be)

Enkele dagen later kwam het nieuws dat Carla Bruni op dat eigenste moment aan het bevallen was! Het bleek een radiosketch van een Franse komiek, waarvan de clou was dat Bruni un nouveau nez gekregen had, een nieuwe neus, en dus geen nouveau-né, een nieuwgeborene. (Een boel Vlaamse en internationale nieuwssites, inclusief die van De Standaard.)

Verder zou het Griekse leger 400 nieuwe tanks hebben aangekocht, en dat ondanks de precaire financiële toestand daar. Dat beweerde Hellenic Defence & Technology, een Grieks tijdschrift waarvan het verbazen zou als iemand er hier al van gehoord had. De Griekse overheid ontkende met klem. (De Morgen en alle Nederlandse kranten. Internationaal op talloze sites. Debat in Nederlands parlement.)

En al is het een ander geval, toch lijst ik hier op dat dat meisje, dat in Brussel verkracht beweerde te zijn, dat zelf verzonnen had. (Iedereen, ook De Standaard.)

Ironie

U ziet dat ik me niet beperk tot de fouten die in deze krant of op haar site te lezen waren. Ik doe dat niet om andere titels 'mee in het bad te trekken', het maakt me zelfs niet uit wie er zich toevallig deze week heeft laten vangen. Hoaxen zijn endemisch geworden, verspreiden zich als windpokken over het internet, en duiken doorgaans overal tegelijk op. Straffer: in het geval van Bruni ontstond er zelfs een hoax-boven-op-de-hoax. Franse, Waalse, Vlaamse en zelfs Engelse media meldden dat De Standaard degene was die de grap over Bruni als eerste serieus genomen had. Bizar, want De Standaard Online had het van Het Nieuwsblad Online, die het zag op de site van De Telegraaf. Het wordt wel erg ironisch als zelfs reconstructies van hoe een vals bericht ontstaat, vals blijken.

Wat ik daar wel uit leer, is dat zo'n publicatie voor De Standaard erger is (zelfs al zet je ze achteraf recht) dan voor De Telegraaf. Vandaar dus deze aanzet, een begin van een methode om de kans te verkleinen - uitsluiten is onrealistisch - dat er nog over het internet razende onzin op de eigen site of in de papieren krant belandt.

Het verschil tussen 'proces-' en 'productjournalistiek' moet duidelijker. Procesjournalistiek is nieuws-in-ontwikkeling: één bron die iets meldt, een gerucht dat op Twitter circuleert, een andere titel die beweert nieuws te hebben. Als je dat brengt (wat best mag, en wat gezien de snelheidsvereisten online wellicht ook moet), dan moet je dat zeer expliciet zeggen en tonen aan je lezers.

'Tonen' doe je in de lay-out: een aparte kolom op de site, een hoofding die uitdrukt: 'Dit is nog niet gecheckt.'

'Zeggen', dat doe je door veel duidelijker dan nu aan te geven wat je wel, en wat je niet weet. Dus niet: 'Carla Bruni is nu aan het bevallen. Dat meldt de Franse zender Europe 1.' Maar: 'Op verschillende nieuwssites circuleren geruchten dat Carla Bruni op dit ogenblik aan het bevallen zou zijn. Bron daarvoor zou Europe 1 zijn. Op de site van Europe 1 zelf wordt dat echter niet bevestigd, en andere Franse nieuwsmedia bevestigen het nieuws niet.'

Niemand kan je verwijten dat je niet snel bent geweest. Dan is nu het moment gekomen om het verhaal te onderzoeken. Als je merkt dat allerlei nieuwssites hetzelfde brengen in dezelfde bewoordingen, dan is de kans groot dat ze elkaar kopiëren, niet de bron. Bezoek die. Check de geloofwaardigheid ervan. Gaat het om een medium dat je niet kent, google het. Komt het verhaal van een persagentschap, bel ernaar: hebben zij gecheckt, of melden zij dat anderen melden...? Google op eventuele rechtzettingen. Check bij sites die hoaxen oplijsten. Bezoek ook de site van de mensen over wie het verhaal gaat - hebben ze een ontkenning gepost? Indien mogelijk, bel hen zelf.

Over het algemeen: wees wantrouwig. Vertrouw niet op je gezonde verstand. Er circuleren veel valse verhalen, en vele daarvan klinken aannemelijk. Een krant als De Standaard kan het zich veel minder dan andere permitteren om ze als een onvermijdelijk bijproduct te zien van de snelheid waarmee online nieuws nu eenmaal gemaakt wordt. Het maakt niet uit dat het telkens om kleine berichtjes gaat, die in het niet vallen bij de vele sterke reportages die ook gemaakt worden. Als Yves Leterme stomweg de Marseillaise zingt of een foute tweet verstuurt, dan denkt hij ook: 'Waarom praat iedereen dáárover? Ik heb wel de banken gered!'

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebook- en Twitterpagina (@OmbudsDS)