Volvo worstelt met Amerikaanse markt
Volvo heeft de productie in Gent al enkele keren moeten stilleggen, wat dit jaar al resulteerde in 20dagen economische werkloosheid. Eric de Mildt Foto: © Eric de Mildt
Volvo krijgt klappen in de Verenigde Staten, de belangrijkste markt voor de Zweedse autofabrikant. De moedermaatschappij Ford hoopt het tij te keren met de XC60, een middelgrote SUV waarvan de productie volgende week begint, exclusief in Gent.

Auto

Vijftienduizend exemplaren wil Volvo nog dit jaar produceren van de XC60. En volgend jaar, zegt woordvoerder Mark De Mey, als de productie op volle toeren draait, wordt het model een van de belangrijkste van de Gentse fabriek. Het verhoopte succes van de XC60 is dan ook van levensbelang voor de 4.500 Gentse werknemers van het Zweedse merk.

Begin dit jaar dook Volvo in de rode cijfers. Tijdens het tweede kwartaal liep het operationele verlies op van 91tot 120 miljoen dollar (80miljoen euro). De verkoop dook met 15procent omlaag, naar 107.000 exemplaren. Volvo verkocht niet alleen minder auto's, ook de gemiddelde verkoopprijs lag lager. Door de aanhoudende verzwakking van de dollar tegenover de euro verschrompelden de winstmarges van de in Gent en Zweden gemaakte en in de VS verkochte auto's.

'Wij kunnen de dollarverzwakking niet doorrekenen in onze Amerikaanse verkoopprijzen', zegt De Mey. 'Als we dat zouden proberen, dan worden we uit de markt geconcurreerd. Daarom hebben we ons dealernetwerk geherstructureerd en leggen we niet langer de nadruk op een zo hoog mogelijke verkoop, wel op een zo hoog mogelijke winstmarge.'

In afwachting van betere tijden tracht Volvo op alle vlakken te besparen om de productiekosten zoveel mogelijk te drukken, 'uiteraard zonder kwaliteitsverlies'. De afgelopen maanden slaagde Volvo er zo in 200 miljoen dollar structureel te besparen. 'Maar voorlopig zien we de dollar nog een tijd zwak blijven en dus ook de verkoop in de VS, een markt waar traditioneel ruim één Volvo op vier een koper vond.'

Volvo heeft de productie in Gent daardoor al enkele keren moeten stilleggen, wat dit jaar al resulteerde in 20dagen economische werkloosheid. 'En daar kunnen er nog wel enkele bijkomen', geeft De Mey toe. Vorig jaar rolden in Gent 240.000 Volvo's van de band. Dit jaar zullen dat er allicht niet meer zijn dan 200.000.

Het probleem is dat Volvo niet in de VS produceert. Concurrenten als BMW en Mercedes-Benz kunnen de sterke euro compenseren met export vanuit de VS doordat ze enkele modellen lokaal produceren. BMW laat zijn sportmodel Z4 en de X5-terreinwagen in de VS van de band rollen, terwijl Mercedes er zijn zevenpersoonslimousine R en de luxeterreinwagens M en GL produceert. Al die modellen kunnen nu met een heel stevige winstmarge naar Europa worden uitgevoerd.

Een Amerikaanse fabriek lijkt op korte termijn geen optie vanwege overcapaciteit, maar ook omdat Volvo, anders dan BMW en Mercedes-Benz, daarvoor gewoon te klein is en bijgevolg niet over de nodige middelen beschikt.

Bovendien kampt Volvo in de Verenigde Staten met een licht tanend kwaliteitsimago. Op zich scoort Volvo nog heel behoorlijk als het op kwaliteit aankomt, maar het afwerkingsniveau ging er de jongste jaren niet echt op vooruit. En dat terwijl de concurrentie niet stilzat.

De nieuwe norm in de VS is Lexus, het luxemerk van Toyota, sinds kort de grootste constructeur ter wereld. De Japanners hebben de precisie waarmee ze hun wagens assembleren naar een niveau getild dat ook BMW, Mercedes en zelfs Audi moeilijk kunnen bijbenen. Volvo, dat duidelijk kampt met te kleine budgetten, al helemaal niet.

Bovendien is het Volvo-gamma niet meer van de jongste, net als het motorenaanbod. De kleine C30, die begin 2007 gelanceerd werd, was het eerste volledig nieuwe model in vele jaren. Met de XC60 volgt nu het tweede.

Het is overigens ook meer in het algemeen de vraag of de zogenaamde 'premiummerken' van de B-categorie -waartoe naast Volvo ook Jaguar, Land Rover, Alfa Romeo en Saab behoren- nog echt een toekomst hebben. De ontwikkelingsbudgetten waarover zij beschikken zinken in het niet vergeleken met die van het ongenaakbare trio BMW, Mercedes en Audi.

Geen van die merken is nog onafhankelijk. Jaguar en Land Rover hadden een onderkomen gevonden bij Ford, maar werden dit jaar doorverkocht aan Indische investeerders. Saab lijdt een zieltogend bestaan onder de vleugels van General Motors. Alfa Romeo leek enkele jaren geleden nog op sterven na dood, maar het Italiaanse merk vond binnen de Fiat-groep een nieuwe dynamiek.

Volvo heeft voorlopig nog een plaatsje op de grote Ford-parking, maar de jongste maanden doken vaak geruchten op over een nakende verkoop. Geruchten die directeur Frederik Arp ontkent, maar de gezaghebbende Wall Street Journal vernam van insiders dat Ford probeert de kosten bij Volvo maximaal te drukken om het merk aantrekkelijker te maken voor een eventuele overnemer. Binnen anderhalf jaar zou het Zweedse merk van eigenaar wisselen, schreef de krant. (lc)