René

Mijn alleroudste herinnering aan René Vandereycken moet dateren van 5 november 1975. Club Brugge speelde op die dag in de Uefacup tegen Ipswich Town. In de heenmatch had Club met liefst 3-0 op zijn donder gekregen en de return leek een hopeloze zaak. Maar Club maakte een waanzinnige comeback en versloeg Ipswich met 4-0 en zou doorstomen naar de finale om daarin eervol ten onder te gaan tegen Liverpool. Ik heb die beklijvende 4-0 tegen Ipswich op de rand van het bed bij mijn grootmoeder gezien. Ons tv-toestel was stuk en heel alleen was ik naar haar getrokken om de samenvatting laat op de avond op de BRT te kunnen bekijken. Ze was al in de 80, hardhorig en tuurde mee naar de wazige zwart-witbeelden. En ze glimlachte toen ik heel eenzaam de vuist balde toen René Vandereycken twee minuten voor tijd de 4-0 binnenknalde. In mijn geheugen vanop halflange afstand hoog in de netten. René Vandereycken was toen 22 en al meer dan een jaar de leider van het Club Brugge dat openbloeide onder Ernst Happel. René uit het verre Limburg durfde al heel jong het tactische dispuut aan met de onaantastbare Happel. Hij werd er zelfs één keer voor uit de ploeg gezet.

© VCB Violet Corbett Brock
Niet voor lang, want Happel besefte dat voetballers als Vandereycken, die vanuit zichzelf in staat zijn om op het veld bij te sturen, niet dik lopen. Maar ook toen al ging René liever de gevangenis in ...