België wordt toeristisch minder aantrekkelijk
De Brugse rijen Foto: rr
België maakt nog altijd geen beleidsprioriteit van het toerisme, ondanks zijn culturele troeven.

toerisme

België staat op de 27ste plaats in de rangschikking van het World Economic Forum van 130 landen volgens hun concurrentiekracht op het vlak van reizen en toerisme. Vorig jaar stonden we nog 21ste.

De Travel and Tourism Competitiveness Index is geen schoonheidswedstrijd om na te gaan welke landen de mooiste toeristische bestemmingen zijn, zegt het World Economic Forum. De bedoeling is te meten welke factoren een land aantrekkelijk maken om het toerisme uit te bouwen, en wat er eventueel veranderd moet of kan worden om meer toeristen en zakelijke reizigers aan te trekken. Om de rangschikking op te stellen, gebruikt het WEF een hele reeks officieel beschikbare (cijfer)gegevens, maar een deel van het onderzoek is ook gebaseerd op een zogenaamde 'executive survey', een rondvraag bij onder meer zakenmensen.

De toeristische sector in enge zin was vorig jaar goed voor een bijdrage van 3,3 procent in het Belgisch binnenlands product (bbp), raamt het WEF. Dat is meer dan de 2,8 procent van 2006. Er werkten in de sector zo'n 161.000 mensen, wat neerkomt op 3,7 procent van de totale tewerkstelling in ons land.

De 27ste plaats die België haalt in de Travel and Tourism Competitiveness Index lijkt op het eerste gezicht niet slecht. Maar België scoort, net als vorig jaar, slechter dan zijn buurlanden. Sommige daarvan verbeterden hun positie zelfs nog. Het Verenigd Koninkrijk schoof bijvoorbeeld door van de tiende plaats vorig jaar naar de zesde nu, en Frankrijk van de twaalfde naar de tiende. Duitsland behield zijn derde plaats. Alleen Luxemburg verloor fors aan 'toeristische concurrentiekracht' en viel van de negende plaats terug naar de twintigste.

In totaal gaan zestien andere EU-lidstaten ons land vooraf in de rangschikking. Behalve de landen in de toptwintig (zie tabel), zijn dat ook nog Ierland (21), Griekenland (22), Cyprus (24), Malta (25) en Estland (26).

Toch nog een lichtpuntje: in de rangschikking gaat België, misschien wat verrassend, nog net Italië vooraf, dat ondanks zijn enorme culturele troeven slechts op de 28ste plaats komt. Die relatief lage score heeft te maken met de overheidsregulering -onder meer strikte beperkingen op buitenlandse investeringen, de relatief slechte wegen- en spoorinfrastructuur en een aantal veiligheidsproblemen. Een lichtpuntje is dat Italië tegenover 2007 wel vijf plaatsen gestegen is in de rangschikking.

De topdrie bleef ongewijzigd tegenover een jaar geleden. Zwitserland dankt zijn koppositie onder meer aan zijn culturele en natuurlijke rijkdommen, zijn milieubewustzijn, het feit dat het veel internationale beurzen en tentoonstellingen herbergt, de uitstekende opleiding van de werknemers in de toeristische sector, de goede transportmogelijkheden en de puike toeristische infrastructuur. (kdr)