Wall Street bereikt bodem vorige berenmarkt
Van onze medewerker



Beleggers beleefden weer een historische beursweek met de S&P500 in een glansrol. De belangrijkste aandelenindex met de 500 grootste aandelen uit de VS tikte woensdag het laagtepunt aan van oktober 2002, toen de beurzen een laagtepunt bereikten na het barsten van onder meer de internetbubbel. Met een nieuw dagverlies van6 à 7% viel de S&P500 donderdag dan overtuigend door de bodem van de vorige berenmarkt op 752 punten. Daarmee zit de Amerikaanse index weer op het niveau van april 1997.

In Europa was er nogal wat heisa de winstwaarschuwing van BASF, dat in navolging van ArcelorMittal meteen ook besloot de productie in december voor een deel stil te leggen. En in de VS en de autosector is er nogal wat te doen over GM, dat volgens de kredietverzekeringscontracten zo goed als failliet is. Ongetwijfeld heeft dat bijgedragen tot de opnieuw dramatisch slechte beursweek met weekverliezen op indexniveau van meer dan 10%.

Toch is de echte aanleiding voor de beursellende van deze week een nieuwe vertrouwensbreuk in de financiële sector, met als belangrijkste slachtoffer Citigroup, dat deze week zowat 60% verloor. De Amerikaanse minster van Financiën Henry Paulson besliste vorige week om met het noodbudget van 700 miljard dollar niet over te gaan tot aankoop van slechte en zo goed als onverkoopbaar hypotheekgerelateerde kredieten van de banken, maar mensen te helpen met het afbetalen van hun hypotheken.

Daardoor doken de eerder wat herstelde prijzen voor de met hypotheek gewaarborgde kredieten naar nieuwe dieptepunten. Tegelijk gingen ook de koersen van de banken weer in vrije val in de VS, maar ook in Europa. Ook onze twee laatste Belgische grootbanken, KBC (-30%) en Dexia (-28%), deelden in de brokken. Beleggers vrezen voor nieuwe afschrijvingen bij zowat alle banken, verdere noodkapitaalverhogingen en verwaterende reddingsoperaties. Misschien vergeten beleggers dat vele banken er door de massale overheidssteun nu wellicht toch al beter gewapend zijn.

Maar de kredietmarkt moet absoluut weer herstellen, vooraleer dat elders kan. Dat kan door de rechtstreekse tussenkomst van het noodplan bij mensen met een hypotheek. Onrechtstreeks kan dat een bodem leggen onder de slechte kredietpapieren waarmee deze hypotheken van de banken verbonden zijn. Alleen duurt dat wat langer en beleggers hebben weinig geduld.

Enkele weken geleden waren de beurzen al met een twintigtal procent hersteld vergeleken met het dieptepunt. Dat was door de hoop en de lichte vooruitgang op de kredietmarkt. Dat voorschot op het herstel hebben beleggers nu weer vliegensvlug teruggenomen.

Misschien is er toch ook een positief kantje aan de jongste beursweek. Beleggers weten nu dat de reële economie in het vierde kwartaal vliegensvlug wegzonk. Dus dat zit minstens al voor een groot stuk in de koersen. En bovendien kreeg het nieuwe dieptepunt van de S&P500 heel wat minder aandacht dan bij de vorige bodem in oktober. De geschiedenis leert dat de beurzen meestal pas herstellen wanneer kort na een eerste bodem, meer in de luwte een nieuwe nog wat lagere bodem is neergezet.