Beursspecialisten zoals Bank Degroof en ING Investment management zien koopjes, maar de kudde durft niet op de kar springen.

analyse

Van onze medewerker



Particulieren kunnen in winkels geen solden vinden, want het is nu de sperperiode waar geen prijsverlagingen toegelaten zijn. Op de aandelenbeurzen barst het wel van de koopjes, maar daarvan durven beleggers dan weer geen gebruik maken. Het is correct dat een lage waardering in eerste instantie geen rem zet op de koersdalingen, maar op iets langere termijn is het wel cruciaal voor wie een bovengemiddelde opbrengst wil halen.

ING Investment Management (IM) vindt dat er nu zelfs voor markttimers een reden is om uit hun schuiloord te komen om aandelen te rapen. We zitten volgens hen immers op het einde van de eerste fase van de neergaande markt. Dat is de periode waarin alle slecht nieuws gevolgd wordt door kelderende koersen. In de tweede fase sijpelt er hier en daar al wat beter nieuws door en de koersen bodemen uit ruim voor de winsten tot hun bodem zijn gezakt. Het is dan ook niet verstandig om nu nog te verkopen, is het advies van INGIM. Ook omdat je dan veel kans hebt om de paar uitzonderlijke winstdagen te missen die je opbrengst compleet hypothekeren. Wie van begin 1993 tot begin 2008 de tien beste beursdagen miste, trappelde zo goed als ter plaatse. Wie al die tijd wel geïnvesteerd bleef, heeft zijn kapitaal verveelvoudigd met 2,3. ING berekende de opbrengst inclusief dividenden. ING berekende ook dat de huidige waarderingen in Europa al rekening houden met een winstval van 50% terwijl dat bij recessies sinds 1973 in het verleden gemiddeld 36% was.

Bank Degroof vindt dat de waarderingen door de bodem gevallen zijn. Zij stellen vast dat zelfs de boekwaarde geen houvast biedt: veel aandelen noteren zelfs tegen een fractie daarvan. Dat is uitzonderlijk, want in dat geval zou zelfs het saldo na het liquideren van het bedrijf (en dus stopzetten en nooit meer winst maken) de aandeelhouders meer opbrengen dan de beurskoers aangeeft.

Maar vandaag zijn beleggers paranoïde en dus vertrouwen ze bijvoorbeeld de goodwill -de niet-tastbare activa zoals kennis en overnamepremies- niet.

Daarom lichtte Degroof zijn aandelenlijst door en trok het de goodwill af van de boekwaarde. Die waarde zal meestal lager zijn dan de vervangingswaarde, want hierop zijn al afschrijvingen gebeurd. Maar de beurskapitalisatie is bij heel wat aandelen zelfs daaronder gezakt.

De analisten stellen vast dat de (verlaagde) schattingen van de vrije kasstroom die de bedrijven de volgende drie jaren zullen genereren, vaak hoger is dan die aangepaste boekwaarde. Dat is zoveel als een jaarlijkse opbrengst van 33%. Een spaarboekje is natuurlijk veiliger...

Drie aandelen tarten alle 'waarderingswetten': Nyrstar, Barco en Deceuninck. De zinkverwerker is op de beurs nog 200 miljoen euro waard terwijl de 'harde' boekwaarde 1,2 miljard euro bedraagt. De vrije kasstroom zou de volgende jaren wel klein zijn, maar niet negatief.

De beurskapitalisatie van Barco is ook nog maar 200 miljoen euro, 50% minder dan de harde boekwaarde. Vrije kasstroom tot en met 2010: 51miljoen euro. Pvc-profielenproducent Deceuninck kost nog 112 miljoen op de beurs terwijl de harde boekwaarde alleen 166 miljoen euro aangeeft.