Fortis-lijk kost staat 3 miljard extra
Foto:
De Belgische schatkist is Fortis in alle stilte met 3 miljard euro bijgesprongen. Op die manier werd belet dat BNP Paribas zijn biedprijs verlaagde. Dat blijkt uit een reconstructie van de financiële crisis door De Standaard.

Van onze redacteurs



Steven Samyn

Omdat de gedeeltelijke nationalisering van Fortis Bank eind september geen succes werd, besliste de regering in het weekend van 4 en 5 oktober de bank-verzekeraar aan het Franse BNP Paribas te verkopen. Wat niet verteld werd, is dat de overheid amper drie dagen later opnieuw over de brug moest komen om de deal met BNP Paribas te redden.

De Fransen lieten op woensdag 8 oktober onverwacht weten dat de zaak heronderhandeld moest worden. Dat had te maken met een lening tussen de Fortis Holding (wat achterbleef van Fortis na de verkoop van de bank- en verzekeringsactiviteiten) en Fortis Bank België. Zondagavond waren de Belgen en Fransen uit elkaar gegaan met een onopgeloste kwestie. Wat was een in aandelen omzetbare achtergestelde lening van Fortis waard?

BNP Paribas had toen nog gezegd dat er in de Fortis Holding enkele miljarden meer zaten. De Fransen gebruikten dat om hun lage biedprijs te verantwoorden. Drie dagen later kwamen ze daar op terug en eisten ze nieuwe onderhandelingen.

Die discussie is meteen de belangrijkste reden waarom het aandeel-Fortis na het bericht van de weekendovername toch nog meer dan een week lang geschorst bleef. Dit tot grote woede van beleggers die hun aandelen wilden verkopen. De Fransen lieten de keuze. Ofwel werd de biedprijs verlaagd, ofwel moest er een andere oplossing komen voor de lening tussen de Fortis Holding en Fortis Bank. De omvang van het probleem werd initieel op 2,35 miljard tot 2,5 miljard euro geschat, maar zal oplopen tot 3 miljard.

De Franse eis om de biedprijs te verlagen lag heel moeilijk. De biedprijs was al gecommuniceerd en er was al genoeg kritiek op de deal. De overheid en het crisiscomité beslisten daarop dat de staatsholding FPIM het geld dat Fortis Holding tekort kwam, zou voorschieten. FPIM leende via de schatkist bijkomend 3 miljard en leende dat op haar beurt door aan Fortis Holding. Daardoor stijgt het prijskaartje van de Fortis-reddingsoperatie voor de overheid voorlopig tot 14,9 miljard euro. Wie het communiqué van Fortis van 6 oktober vergelijkt met dat van 14 oktober, ziet dat 'het lijk' héél handig werd verborgen. Ook de overheid zweeg het bestaan ervan dood. Het enige voordeel voor de belastingbetaler is dat het om een lening gaat. Tenzij Fortis Holding failliet gaat, zal het uiteindelijk de al fel geplaagde Fortis-aandeelhouder zijn die het prijskaartje ervan draagt.

Blz. E8-E11 Reconstructie van de Fortis-crisis.