De verborgen kant van een eiland dat wacht op een happyend

Cyprus op sterk water

Drie decennia van politieke crisis op Cyprus hebben alvast één iets positiefs opgeleverd: het pas ontsloten ‘Turkse' noorden van het eiland is een zeldzame toeristische parel. Maar de goudzoekers lopen mekaar al voor de voeten.
Cyprus op sterk water
Het middeleeuwse Bellapais-klooster.shutterstock
Tot voor kort was naar Cyprus reizen haast synoniem met naar de onderste helft van het eiland reizen. Dat heeft alles te maken met het eeuwigdurende conflict tussen het ‘Turkse' noorden en het ‘Griekse' zuiden. Die zijn van elkaar gescheiden sinds 1974. Toen viel het Turkse leger het noorden binnen in een reactie op een coup door Grieks-Cypriotische extremisten die heel Cyprus wilden verenigen met Griekenland.



Er kwamen allerhande boycots en internationale embargo's tegen het noorden – de Turkse Republiek Noord-Cyprus, geproclameerd in 1983, wordt nog altijd alleen door Turkije erkend. En met de 180 kilometer lange Groene Lijn, die onder de VN valt, kwam er een tastbare scheiding tussen de twee eilanddelen.



Voor het noorden betekenden die maatregelen meteen ook de doodsteek voor het toerisme. Pas sinds 2003, toen de Groene Lijn op een paar plaatsen min of meer openging, is er in het noordelijke eilanddeel weer sprake van toerisme die naam waardig.



Vorig jaar werden er goed 450.000 vakantiegangers geregistreerd. Nog steeds peanuts vergeleken met de ruim twee miljoen in het zuiden, maar de balans zou sneller in evenwicht kunnen zijn dan die cijfers laten vermoeden. Het aantal toeristen dat voor het noorden kiest, stijgt gestaag en sterk, terwijl de Republiek Cyprus al enkele jaren in een neerwaartse spiraal zit. Het zal geen toeval zijn dat er sinds kort vanuit enkele landen, waaronder ook België, rechtstreekse vluchten naar het noorden zijn.



In concreto naar de piepkleine luchthaven Ercan, vlak bij de – ook verdeelde – hoofdstad Nicosia. Een prettige binnenkomer is Ercan niet. De site biedt een slaapverwekkende aanblik: een lap beton met daarop een plat, karakterloos gebouwtje ter grootte van een ferme parochiezaal.



Maar die saaiheid bedriegt. Binnen wordt de bezoeker verwelkomd met de boodschap ‘Happy that I'm a Turk' en twee gigantische vlaggen: een Turkse en een Turks-Cypriotische. Officieel houden noord en zuid al een paar jaar toenaderingsgesprekken; in de praktijk kijken de twee nog met gebalde vuist naar mekaar.



Spookstad



Ook buiten de luchthaven wordt Turkije hier en daar de liefde verklaard op borden en posters. Maar je wordt er niet mee doodgemept, de politiek wordt nooit nefast voor het vakantiegevoel. Wie niks afweet van de lokale geschiedenis en uit de buurt van de Groene Lijn blijft, kan wellicht ...

Nog geen abonnee?
Abonneer voordelig om verder te lezen

Lees dS Avond, de digitale krant en Archief+.

Ja, ik neem een proefabonnement

Bekijk onze formules >
Neem een dagkaart >

Reeds abonnee?

Nog niet geregistreerd?

Registreer