Plasticproducenten voelen nu pas de gevolgen van de hoge olieprijzen.

chemie

De verwerkers van kunststoffen en synthetisch rubber zitten momenteel tussen twee vuren. Door de hoge olieprijzen zijn hun grondstoffen die uit olie worden gewonnen gevoelig duurder aan het worden. Er worden prijsstijgingen genoteerd van20 tot 30procent. Die worden schoksgewijs aan hen doorgerekend doordat de meeste producenten grondstoffen inkopen via termijncontracten met een duur van drie maanden tot een jaar.

Het is voor de verwerkers evenwel niet zo vanzelfsprekend om de prijsstijgingen meteen door te rekenen doordat ze zelf ook vaak jaarcontracten hebben afgesloten met hun afnemers, stelt Federplast, de bedrijfsfederatie van kunststofverwerkers. Dat is onder meer het geval voor de producenten van allerhande bouwmaterialen uit kunststof. De bouw is een van de grote afzetmarkten voor materialen in plastic en rubber. De andere grote afnemers zijn de automobiel- en de verpakkingsindustrie.

De termijncontracten die met de afnemers worden afgesloten, zijn meteen een van de redenen waarom de gevolgen van de prijsstijging van de grondstoffen voor plastics en rubber voor de eindverbruikers tot nog toe beperkt gebleven, zegt Federplast. Maar bij aanhoudende hoge olieprijzen zullen ook de producten die vervaardigd worden uit plastics en synthetisch rubber toch duurder worden.

Secretaris-generaal Geert Scheys van Federplast waagt zich niet aan een becijfering van de mogelijke prijsstijging. Dat komt doordat plastics en synthetische rubbers in de meeste eindproducten maar een van de prijsingrediënten zijn, stelt hij. Dat is zeker het geval als de kunststoffen gebruikt worden als verpakkingsmateriaal. En wat de bouwmaterialen betreft, wegen voor de eindverbruiker de loonkosten om die bouwmaterialen te plaatsen veel zwaarder door dan de prijs van bijvoorbeeld isolatiepanelen. (pse)