LEUVEN - Roger Blanpain, emeritus-hoogleraar arbeidsrecht, kant zich tegen het pleidooi van VLD-voorzitter De Gucht om het staken in openbare diensten afhankelijk te maken van een voorafgaandelijke toelating door een rechtbank. Hij ziet wel heil in andere maatregelen om spoorstakingen zoals die van de afgelopen dagen in te perken.

,,Na stakingsexcessen in de privé-sector is in 1948 een wet ingevoerd die in vredestijd prestaties van algemeen belang verzekert. In paritaire comités zoals die van de ziekenhuizen en de petroleumsector moeten de sociale partners deze prestaties vastleggen, zoniet doet de minister van economische zaken dat. De toepassing van deze wet moet uitgebreid worden naar de openbare diensten waar het stakingsrecht overigens pas sinds de jaren '60 aanvaard is. Ook voor openbare diensten moeten dus minimumdiensten worden vastgelegd die steeds verzekerd dienen te worden'', aldus Blanpain.

De rechter dient met betrekking tot deze materie steeds het laatste woord te hebben, maar een toelating op voorhand vragen zoals De Gucht voorstelt ziet Blanpain niet zitten. Een rechtsgeding tegen een staking kan echter al op voorhand aanhangig worden gemaakt. ,,Van het ogenblik dat er een stakingsdreiging is die het openbaar belang in het gevaar brengt kan een belanghebbende zich in kortgeding tot de rechter wenden met de vraag de staking te verbieden'', aldus Blanpain.

Hij is het overigens volledig eens met De Gucht dat de voorbije spoorstakingen niet door de beugel kunnen. ,,Het kan niet dat burgers op die manier gegijzeld worden voor zaken waarvan de verhouding tussen de inzet, met name vakbondszetels in de raad van bestuur van de NMBS, en de toegebrachte maatschappelijke schade buiten alle proporties is. Burgers bezitten immers eveneens fundamentele rechten zoals die op arbeid en bewegingsvrijheid'', aldus Blanpain.