AMSTERDAM - Vliegtuigbouwer Boeing moet aan het zoontje van een van de slachtoffers van de Bijlmerramp 457.500 frank schadevergoeding betalen. Dit heeft de rechtbank in Amsterdam woensdag bepaald. Het kind kreeg eerder al 201.300 frank van Boeing en vliegtuigmaatschappij El Al.

De moeder van de omgekomen vrouw had, als wettelijke vertegenwoordiger van het jongetje, bijna 34,7 miljoen frank geëist. De ene helft voor immateriële de andere helft voor materiële schadevergoeding. De helft voor immateriële schadevergoeding werd door de rechtbank helemaal afgewezen.

Het kind was ten tijde van de vliegramp op 4 oktober 1992 15 maanden oud en verbleef bij zijn tante in Amsterdam. Zogenoemde shockschade kan volgens de rechtbank niet worden vastgesteld, onder meer omdat gezien de jonge leeftijd van het jongetje niet zonder meer kan worden aangenomen dat hij zich bewust was van wat er gebeurde. Psychisch letsel als gevolg van de ramp is ook onvoldoende aangetoond en immateriële schadevergoeding enkel voor verdriet is niet mogelijk.

De materiële schadevergoeding baseert de rechtbank op een rapport van het Nederlands Rekencentrum Letselschade over de overlijdensschade door verlies van levensonderhoud van het jongetje.