BRUSSEL - De kleine elektriciteitsproducent SPE stopt de samenwerking met Electrabel en gaat in zee met een buitenlandse partner. Zo blijkt uit een persbericht.
SPE, de Samenwerkingsvennootschap voor de Productie van Elektriciteit, is een gewestgrensoverschrijdende intercommunale met als vennoten de steden Gent en Seraing en de intercommunales WVEM en Socolie.

Het is de kleinste elektriciteitsproducent van het land. Vorig jaar verkocht SPE in totaal 6.052 GWh, zowat 8 procent van de Belgische productie. SPE is samen met Electrabel verenigd in CPTE.

De liberalisering van de elektriciteitsmarkt biedt voor SPE opportuniteiten, zo luidt het in een persbericht. Een aantal Belgische klanten zijn overgestapt naar buitenlandse energieleveranciers en meer en meer bedrijven gaan voor hun elektriciteitsbehoeften ,,shoppen'', zegt SPE.

Bovendien blijkt de overeenkomst uit 1995 met Electrabel steeds meer onverenigbaar met de Europese richtlijn over liberalisering. Die overeenkomst bepaalt dat beide bedrijven voor hun productie samenwerken en dat Electrabel een voorkooprecht heeft. Als een partij eruit wil stappen moet het zijn participatie eerst aanbieden aan de andere partij.

Geïnteresseerde buitenlandse overnemers zijn het Duitse RWE en E.on en het Franse overheidsbedrijf EdF, zo melden de kranten De Standaard en De Tijd. SPE wil alleszins haar rol als volwaardige operator in de productiesector behouden.

De buitenlandse partner zal een minderheidsparticipatie krijgen, omdat de meerderheid van de aandelen in SPE openbaar moet blijven.