BRUSSEL -- De premie die wordt toegekend aan politiemensen die een uitgeprocedeerde asielzoeker uitwijzen, is voorzien in het besluit dat het statuut vastlegt van de nieuwe politie, maar bestond ook al onder de vorige regering. Dat zegt het kabinet van minister van Binnenlandse Zaken Antoine Duquesne in een reactie op de kritiek van PS-senator Jean Cornil.

De premie werd ingevoerd na de dood van de Nigeriaanse Semira Adamu, die in '98 stierf toen ze zich op het vliegtuig verzette tegen haar uitwijzing. Maar de premie werd toen enkel betaald bij een geslaagde uitwijzing, zo zegt men op het kabinet.

,,Tijdens de onderhandelingen over het besluit inzake het statuut van de nieuwe politie hebben we dat verbeterd. De premie werd behouden, maar er werd aan toegevoegd dat ze met de helft zou worden verminderd als de uitwijzing niet slaagt''. De premie is bedoeld als compensatie voor moeilijk werk. Maar ook als de uitwijzing niet slaagt wordt een deel van dat werk uitgevoerd, aldus het kabinet.

Moeilijkheidsgraad

Het kabinet benadrukt dat de premie geenszins bedoeld is om onaanvaardbaar gedrag aan te moedigen, maar enkel een erkenning inhoudt van de moeilijkheidsgraad van het werk. De premie schommelt tussen de 650 en 720 fr.

Volgens het kabinet van Binnenlandse Zaken corrigeert de vermindering van de premie met de helft bij een niet geslaagde uitwijzing het ,,perverse'' aspect van het oude systeem dat erin bestaat dat een politieman niets ontvangt bij een mislukte uitwijzing.

Duquesne zal overigens vandaag in de senaatscommissie binnenlandse aangelegenheden meer gedetailleerd antwoorden op de vragen van Cornil. Die vindt de vermindering met de helft van de premie bij een mislukte uitwijzing onaanvaardbaar.