Geen marionet, geen revolutionair
Josly Piette wordt hartelijk begroet door de Italiaanse patron van het restaurant Stelle, in Schaarbeek. Hier komt premier Guy Verhofstadt wel eens langs, maar Piette kent de keuken ook erg goed. Stelle ligt niet zo ver van Aeropolis, het hoofdkantoor van de christelijke vakbond ACV, vandaar.

Om het oude vakbondsverleden nog wat meer kleur te geven, schuift ook kabinetschef Gilbert De Swert mee aan tafel. Jarenlang was De Swert de invloedrijke chef van de ACV-studiedienst. Net als minister Piette onderbreekt hij nu zijn brugpensioenschap. Het wordt een gesprek van twee uur, in het Frans.

Bent u de aanspreektitel 'meneer de minister' al een beetje gewoon? En wat zeggen uw oude vakbondsvrienden nu eigenlijk als ze u zien?

'Pffff (wegwerpgebaar). Er zijn niet zoveel mensen die mij met “meneer de minister, aanspreken. Dat soort titulatuur zegt me niets. Mijn jongste medewerkers op het kabinet kennen mij niet persoonlijk, neen. Maar al wie mij als ACV-secretaris heeft gekend zegt nog altijd gewoon Josly, zoals ze dat voorheen deden. Dat is prima zo. Dat minister-zijn ben ik nog niet gewoon, neen.'

Hoe waren de reacties?

'Ik heb veel vriendelijke telefoons gekregen van oud-collega's uit het sociaal overleg en uit de andere vakbonden. Van Pieter Timmermans van het VBO bijvoorbeeld. Of van Karel Van Eetvelt. Weet u, ik heb zelfs medewerkers op mijn kabinet van zowel Unizo als UCM als VBO. Om maar te zeggen dat ik open sta voor alle actoren en niet zomaar een vakbondsminister ben.'

Valt het wat mee om de politiek in te duikelen?

'Vandaag ben ik om 5uur opgestaan en om goed zes uur naar Brussel vertrokken. Om 8uur was er kernkabinet. Zo gaat dat. Dat was even wennen, als bruggepensioneerde (lacht). Maar het gaat. Ik heb helaas niet zo'n politiek gewicht dat ik daar een uur te laat binnen kan komen. (lacht hartelijk)'

Hoe gaat het met de vorming van uw kabinet?

'De posten zijn al ingevuld. Maar inzake communicatie en informatica moet er nog veel gebeuren. We zitten in het oude kabinet van Rudy Demotte, van Sociale Zaken, en de verbindingen met het ministerie van Arbeid zijn helaas nog niet allemaal in orde. Vandaag komt er nog een werkgroep van ambtenaren bijeen die dat moet oplossen.'

Met Gilbert De Swert als kabinetschef hebt u de hulp ingeroepen van een oude bekende van het ACV. 'De twee grijze panters' noemt men u beiden.

'(lacht) Ik had een competente kabinetschef nodig. Iemand die alle dossiers uit het sociaal overleg en de arbeidsreglementering kent. En die beschikbaar was. Dat profiel paste perfect op Gilbert. Niemand kan zijn kennis overtreffen. We zijn al jaren een tandem. En de dossiers zijn sinds onze pensionering niet zoveel veranderd. We hebben geen vergadering van vijf uur nodig om weer mee te zijn.'

Ook bij het CDH geen slechte reacties gehad?

'Neen, echt niet. Sommigen waren misschien verbaasd over mijn uitverkiezing. Maar de situatie was van dien aard dat mijn profiel de partij en de andere coalitiepartijen het beste uitkwam. Iemand als Melchior Wathelet komt uiteraard meer in aanmerking om minister te worden dan ik. Zijn tijd komt nog wel. Maar ik begrijp zijn ontgoocheling.'

'Ik heb ook niet meteen ja gezegd tegen Joëlle Milquet. Dat deed ik pas om twee uur 'snachts, na meerdere telefoontjes, van Joëlle, maar ook van Yves Leterme en van Guy Verhofstadt. Bon, ik had op Hertoginnedal al meegedaan aan de oranje-blauwe onderhandelingen. Niet omdat ik een volbloed politicus ben, maar omdat ik Joëlle had beloofd om te helpen.'

'Kijk, mijn blanco politieke verleden, los van mijn recente burgemeesterschap in Bassenge, helpt mij nu om ongebonden, zonder oranje-blauwe of andere voorgeschiedenis, te functioneren als minister. Ik heb niet onderhandeld over Brussel-Halle-Vilvoorde of andere communautaire dossiers. En dat wil ik ook zo houden. Niet dat ik conflicten aan de onderhandelingstafel niet aankan of er niet mee kan leven dat ik mijn gelijk niet altijd kan halen. Maar ik zie me echt niet onderhandelen over de ontmanteling van de federale sociale zekerheid. Ik zie daar geen enkele meerwaarde in.'

In de nota-Verhofstadt is er geen sprake van een regionalisering van de sociale zekerheid. Maar dat is natuurlijk niet de nota-Leterme.

'Ik hoop van wel. Om het over mijn beleidsdomein te hebben: inzake werkgelegenheidsbeleid is bijna alles al geregionaliseerd. Behalve het arbeidsrecht en de arbeidsvoorwaarden. Maar die horen niet thuis in een regionalisering. Gaan we andere veiligheidsvoorschriften opleggen aan werkende Brusselaars dan aan Walen of Vlamingen? Of andere lonen? Nee toch. We gaan toch geen concurrentie organiseren tussen de Belgische regio's. Welke werknemers halen daar voordeel uit?'

Bewijst de samenwerking tussen de regionale arbeidsdiensten als VDAB en Forem inzake grensoverschrijdende mobiliteit van werklozen dat de huidige regelgeving volstaat? Concreet: is een werkloze uit Moeskroen verplicht om een baan in Vlaanderen aan te nemen?

'De afstand tussen Moeskroen en Kortrijk of een gebrek aan taalkennis zijn geen rechtvaardiging om een volwaardig jobaanbod zomaar te weigeren. Zeker niet. Er zal begeleiding nodig zijn, taalopleiding en dergelijke. Maar een botte weigering kan niet, neen. Vanuit mijn gemeente, Bassenge, rijden elke dag bussen met arbeiders naar Ford Genk. Waalse arbeiders.'

Bewijzen de vele Fransen die in West-Vlaanderen werken dat afstand en taal geen onoverkomelijk probleem zijn?

'Opgelet, bij die Fransen speelt nog iets anders. Didier Reynders wil het bestaande belastingvoordeel voor die Franse werknemers verlengen. Maar hij doet dat zonder de nodige adviezen in te winnen. We hebben van de sociale partners in West-Vlaanderen de officiële vraag gekregen om die beslissing van Reynders te onderzoeken en desnoods te doen herzien.'

U bent een politieke nieuwkomer. Maar op het ministerie van Arbeid en bij de sociale partners kent iedereen u, natuurlijk.

'Dat is zo. Gilbert heeft vandaag voor het eerst officieel alle directeurs van het ministerie gezien. Ik heb met hen al getelefoneerd. We zijn geen onbekenden voor elkaar. Dat helpt. En in de politiek? Vergeet toch niet dat ik vele uren en nachten heb doorgebracht met een aantal van mijn huidige collega's, tijdens de gesprekken over het Generatiepact. De Gucht en Reynders en Verhofstadt, ik ken ze wel, hoor. En omgekeerd. Ik moet zeggen: de premier speelt zijn rol als teamleider heel correct. Eigenlijk ken ik Yves Leterme nog het minst goed van allemaal.'

Ook niet van de wedstrijden op Standard Luik?

'Ik kom wel eens op Standard, ja. Maar eigenlijk ben ik een supporter van FC Luik. Maar die spelen nu in derde klasse. Daar zie je weinig politici.'

U draagt het imago mee van minister van en voor de vakbond.

'Iedereen weet vanwaar ik kom. Ik ben een echte ACV-man. Ik heb mijn overtuiging en waarden. Die ga ik niet zomaar veranderen omdat ik minister ben. Ik ben geen marionet. Maar ik zal de dossiers die op tafel liggen vanuit mijn huidige functie bekijken, niet als vakbondsman. Uiteraard heb ik al mijn mandaten vanuit de vakbond opgeschort, net als mijn burgemeesterschap in Bassenge. Voor het ACV volgde ik de vergaderingen van het Europees sociaal comité. Na Pasen zal ik dat weer opnemen.'

'Maar de tijd dat ACV en PSC of CVP op één lijn zaten en uit één mond spraken, ligt al lang achter ons. Willy Peirens heeft die politieke onafhankelijkheid als vakbondsvoorzitter totaal gemaakt. Vanuit de MOC (de Franstalige arbeidersbeweging, de tegenhanger van het ACW, red.) heb ik nooit eerste viool gespeeld in de PSC of, later, het CDH.'

Zal u als minister eigenlijk niet alleen maar over dossiers gaan waarbij u de uitvoerder bent van afspraken die al gemaakt zijn tussen de sociale partners?

'Ik ben een grote verdediger van het sociaal overleg. Dus ben ik heel blij dat er dossiers op tafel liggen waarover er een consensus bestaat tussen vakbonden en werkgevers. Waarom zou ik daaraan iets veranderen? De sociale partners hebben vorig jaar hun verantwoordelijkheid opgenomen, in de uitvoering van het Generatiepact en bij de uitvoering van de Europese richtlijn over kmo's en vakbond. Dat wordt te weinig onderstreept. Ik wil dat wel onderstrepen.'

Stopt u er met Pasen, na drie maanden, echt mee? Of misschien toch niet?

'O ja, ik stop, dat staat vast. Daarover mag geen twijfel bestaan.'

En als Milquet en de anderen aandringen om te blijven?

'Neen, neen. Mijn termijn ligt vast en is tijdelijk. Joëlle weet dat ze iemand moet klaarstomen, op Arbeid of op een andere job. Want eigenlijk was Arbeid voorbestemd voor Inge Vervotte. Ik heb haar die bewuste dinsdagnacht ook gebeld om te zeggen dat ik haar functie niet zomaar wilde inpikken. Het staat niet vast dat het CDH na 23maart nog op Arbeid zit, neen. Zoals er eigenlijk niet veel vaststaat voor na Pasen. (lacht)'

'In die beperkte periode ga ik geen revolutionair beleid voeren, dat spreekt. Maar ik geef rendez-vous in maart om de lijst te overlopen van alle dossiers die we hebben aangepakt. En waar we concrete maatregelen hebben genomen. Zwart op wit, op papier. Als minister-uitvoerder, maar ook door eigen initiatieven te nemen.'

Begrijpt u dat er mensen zijn die eraan twijfelen dat u zomaar als minister zal stoppen na drie maanden?

'Ze hoeven niet te twijfelen.'

Welke initiatieven gaat u nemen?

'Neem interimarbeid. De sociale partners zijn het niet eens over een veralgemening van het gebruik van interimarbeid. Maar ik zal een evenwichtig voorstel op tafel leggen. De vraag van de werkgevers naar een invoering van interims in de overheidsdiensten kan ik volgen voor de lokale besturen. Maar het CDH wil geen interimcontracten in de ministeries. Ik kan me daar volledig in vinden. Het interimcontract kan ook niet het alleenzaligmakende eerste contract zijn voor alle jongeren. Dat kan niet de bedoeling zijn. Dat is mijn overtuiging, als oud-vakbondsman. Maar als minister zal ik naar alle argumenten luisteren.'

'Over de activering van de werklozen hebben we aan de administratie gevraagd om de geplande analyse-oefening te vervroegen, zodat we nog vóór maart op basis van studiewerk de impact van die activeringspolitiek kunnen bestuderen en eventuele aanpassingen voorstellen. Niet op basis van ideologie. Op basis van feiten en rekening houdend met de opmerkingen van de regio's.'

'In geen geval wil ik meewerken aan een verhoging van de armoede. Veel geschorste werklozen komen bij het OCMW terecht of zelfs daar niet. Hoe overleven die? Misschien moeten we nadenken over een nieuwe sociale pijler, tussen de OCMW's en het werkloosheidssysteem. Er zijn mensen die niet bij de RVA thuishoren, maar die geen begeleiding kunnen verwachten van de OCMW's. Wat moeten we met hen doen?'

Zult in die drie maanden echte beslissingen nemen?

'Ik zal de afspraken tussen de sociale partners helpen uitvoeren en valoriseren. Maar ik ga niet in hun plaats allerlei maatregelen uitvaardigen, die tegen hun consensus zouden ingaan.'

'Om een voorbeeld te geven: ik had nooit 2mei tot feestdag uitgeroepen als ik minister van Arbeid was geweest in de vorige regering, tegen het unanieme advies van de vakbonden en werkgevers in. Dat soort fouten zal ik niet maken. Mijn voorganger, Peter Vanvelthoven, wou er een lang weekend van vier dagen maken. Dat vond hij allicht electoraal leuk. Maar het is nefast voor de economie.'

'We gaan dan ook aan alle bedrijfssectoren de kans geven om de tweede mei niet als feestdag in te schrijven, maar die feestdag op een andere datum te plaatsen. Ze krijgen dus de kans op een uitzondering, op een opting-out. Premier Verhofstadt is het daarmee eens.'

U bent niet erg gelukkig met de moeizame overgang naar de nieuwe dienstencheques, van Accor naar Sodexho.

'Verschrikkelijk. De informatie aan de gebruikers kwam te laat. Sodexho en de RVA zwaaien met informatie op het internet, maar heel veel gebruikers van de dienstencheques hébben geen internet. Dat waren ze blijkbaar vergeten. Ik vind dat er meer garanties hadden moeten zijn over een vlotte overgang. Ik ga in elk geval aan de RVA tekst en uitleg vragen.'

Zal het systeem van de dienstencheques uitgebreid worden met andere taken zoals kinderopvang?

'Daar ben ik heel voorzichtig in. Kinderopvang is toch nog iets anders dan een huis schoonmaken. Dat is niet voor morgen.'