De interim-hervormer
Marc Olivié: te veel de stempel van crisismanager, te weinig van entrepreneur.Wim Daneels
Foto: © Wim Daneels
Amper drie jaar zal Marc Olivié ceo zijn geweest bij Agfa-Gevaert, wanneer hij eind 2007 het Antwerpse beeldvormingsbedrijf zal verlaten. Olivié maakte zijn vertrek onlangs zelf bekend.

In het nieuwe Agfa is er voor deze interim-manager geen plaats meer. Dat nieuwe Agfa is nochtans zijn erfenis. De 53-jarige Olivié droeg de bouwstenen aan met een gedurfd hervormingsplan, annex kostenbesparingen. Die hervorming hing al in de lucht bij zijn aantreden. Voordien had Olivié er een lange carrière opzitten bij McKinsey, Midas, Sara Lee, Armstrong Holdings en American Standard Bath and Kitchen, grotendeels in de VS.

In juni vorig jaar kondigde hij de contouren van zijn veranderingsbeleid aan. Alle activiteiten werden in drie aparte divisies ondergebracht: Health Care, Graphics en Materials. De belangrijkste ingreep was de bundeling van de klassieke (analoge) filmproductie in één divisie (materials). De vooruitstrevende (digitale) beeldvormingstechnieken zitten geconcentreerd in de sectoren gezondheidszorg en grafische industrie.

Eind augustus werd de kostenbesparing bekendgemaakt, met een impact van 250 miljoen euro op jaarbasis en het verlies van ruim 900 banen, vooral in de hoofdvestiging in Mortsel. Het is geen geringe verdienste van Olivié dat hij die opdeling én sanering zonder groot sociaal conflict doorvoerde. De onderhandelingen met de vakbonden over de ontslagen duurden weliswaar lang, maar deden het bedrijf niet stilvallen.

Het succes bleef niet uit. In 2006 kon Afga-Gevaert opnieuw aanknopen met winstcijfers, zij het eerder bescheiden. Maar de ommezwaai was een feit. Nu de drie divisies in de loop van 2007 als aparte bedrijven naar de beurs zullen trekken, is de rol van Marc Olivié uitgespeeld.

Allicht draagt hij te veel de stempel van crisismanager en te weinig die van entrepreneur.

www.standaard.biz/

agfagevaert