EEN KEER OM DE TIEN JAAR ZET HET ROS BEIAARD DENDERMONDE OP STELTEN

Een wonderpaard doet zijn ronde

Een steigerend en dansend reuzenpaard brengt Dendermonde in een collectieve roes. Wat is er zo bijzonder aan het Ros Beiaard? We vroegen het aan Jan, Piet, Raf en Jo Bombay, de oudste nog levende Vier Heemskinderen.
Een wonderpaard doet zijn ronde
De vier Heemskinderen uit 1952: Jo, Raf, Piet en Jan Bombay. Jimmy Kets © Jimmy Kets
Het bestaat als cuvée, als juweel en als praline. Er circuleren stripverhalen, pins, postzegels en koffiemokken. En dan vergeten we nog een kunststroming die goed vertegenwoordigd is in Dendermonde: het paard in brons, in verf of in terracotta.



In de Oost-Vlaamse stad is het Ros Beiaard niet weg te branden uit het straatbeeld en de huiskamers. Maar waarom zal elke rechtgeaarde Dendermondenaar een traan plengen als het zondag na tien jaar weer door de stad trekt? 'Het paard wordt in de stad niet alleen bewonderd', zo lezen we in de tentoonstelling De Ommegang in beeld 1888-2010. 'Het wordt op een haast religieuze manier aanbeden.'



Wanden vol foto's maken je niet veel wijzer over de heiligverklaring en de lokale gekte. Aanstormende figuranten en een eindeloze rij praalwagens, met daarop de Maagd van Dendermonde of de biergod Cambrinus - een bijdrage van de lokale brouwers - kleuren de stoet. Maar kijk: op een video zie je de toenmalige burgemeester Norbert De Batselier een forse krop in de keel krijgen op het moment dat het reuzenpaard op de markt verschijnt voor de apotheose.



In processies en 'cavalcades' werd de sage van de Vier Heemskinderen al in de dertiende eeuw overal in Vlaanderen uitgebeeld. Ath, Brussel, Mechelen, Lier, Leuven: in veel steden dook een houten of gevlochten paard op. Telkens zaten er vier geharnaste ridderjongens in de stijgbeugels. Historische stoeten mikten in de middeleeuwen op een hoge amusementswaarde. Er stapten 'wildemannen' of duivels in mee. Maar ook een draak (die van Sint-Joris), een kameel of zelfs een olifant passeerden de revue.



Vanaf de zeventiende eeuw ging het peirt van triumphe in Dendermonde een eigen leven leiden. Het werd de hoofdrolspeler. Onder begeleiding van schuttersgilden stapten ook drie postueren of bewegende reuzen mee in de stoet.



Die eeuwenoude traditie wordt nog steeds verdergezet. Alle geplogenheden en bizarre rituelen worden daarbij angstvallig in ere gehouden. Eerst dienden grote evenementen als aanleiding om een ommegang te organiseren. Dendermonde haalt zijn paard maar sporadisch van stal. Vanaf 1990 werd een tienjarencyclus ingevoerd.



In 2005 belandden het Ros Beiaard en de drie gildenreuzen Indiaan, Mars en Goliath op de lijst van het werelderfgoed. Niet zozeer als 'topstukken' of curiosa met uitzonderlijke waarde - ook al dateert het gesculpteerde paardenhoofd uit de zeventiende eeuw. Wel omwille van hun sterke verankering in de lokale gemeenschap.



Dit paard is folklore, zo vonden ze bij Unesco. Maar dan wel folklore die lééft.



Broers



Zo wordt het Ros Beiaard ook onthaald, als het voor de repetities zijn vaste staanplaats in de Hollandse kazerne verlaat: als een stukje populaire geschiedenis dat tot leven komt.



De die hards willen er geen glimp van missen. Onder stormachtig applaus zet het Ros zich in beweging. Met lichte tred, ondanks zijn 800 kilogram. Het lijkt te dansen. Geregeld ...

Nog geen abonnee?
Abonneer voordelig om verder te lezen

Lees dS Avond, de digitale krant en Archief+.

Ja, ik neem een proefabonnement

Bekijk onze formules >
Neem een dagkaart >

Reeds abonnee?

Nog niet geregistreerd?

Registreer