BRUSSEL - Het Arbitragehof is niet ingegaan op een verzoek tot vernietiging van de wet die het huwelijk openstelt voor koppels van hetzelfde geslacht. Het verzoek werd ingediend door een twintigtal personen.

Het Arbitragehof stelt onder meer dat de wetgever het huwelijk heeft geconcipieerd als een instituut met als voornaamste doel het creëren van een duurzame levensgemeenschap tussen twee personen. Voor het Arbitragehof kunnen die twee personen zowel van hetzelfde als van verschillende geslachten zijn.

Daarnaast stelt het hof dat bepalingen uit internationale verdragen, waarin sprake is van een huwelijk tussen man en vrouw, ,,niet in die zin kunnen worden geïnterpreteerd dat zij de verdragsluitende partijen zouden verplichten de 'fundamentele tweeslachtigheid van de mens' als een uitgangspunt van hun grondwettelijke orde te nemen''.

Het Hof stelt ook dat de bestreden wet geen enkele materiële wijziging aanbrengt in de wettelijke bepalingen die de gevolgen van het burgerlijk huwelijk van personen van verschillend geslacht beheersen. Het Hof ziet dan ook niet in hoe de ,,relatieve beschermingspositie" van het gezin van man en vrouw zou kunnen worden verzwakt door de openstelling van het burgerlijk huwelijk voor personen van hetzelfde geslacht.