En wat met de kinderen?
DE vraag of mama en papa getrouwd zijn - al dan niet met elkaar - heeft niet alleen gevolgen voor henzelf, maar ook voor hun kinderen.

Zolang het gaat om de gezamenlijke kinderen van het samenwonende koppel, zijn de verschillen zeer beperkt. Maar in gezinnen à la Kaat & co, waar natuurlijke en stiefouders, eigen kinderen en stiefkinderen en halfbroers en halfzussen vaak een bonte bende vormen, ligt het soms heel wat minder eenvoudig. En wat geldt voor de relatie tussen de partners zelf, geldt ook ten opzichte van de kinderen: de minder leuke en vaak onbedoelde gevolgen van de gekozen samenlevingsvorm worden dikwijls pas duidelijk bij een scheiding of bij een overlijden van een van de partners.

Wie is de vader?

Als twee mensen getrouwd zijn en de vrouw een kind krijgt, wordt de (mannelijke) echtgenoot van de moeder geacht de vader van het kind te zijn. Dit ,,wettelijke vermoeden'' geldt nog tot 300 dagen na de ontbinding van een huwelijk: de ex-echtgenoot kan dan immers het kind nog altijd verwekt hebben.

Bij ongehuwden geldt die ,,vaderschapsregel'' niet. Als de moeder en de vader ongehuwd samenleven, moet de vader het kind erkennen. Daarvoor is de toestemming van de moeder vereist.

Bovendien is het tijdstip van de erkenning van belang voor de naam die het kind zal dragen. Als de vader het kind erkent voor de geboorte of in de geboorteakte, draagt het kind zijn naam. Anders krijgt het kind de naam van de moeder. Bij een latere erkenning door de vader kan de naam van het kind nog gewijzigd worden, maar daartoe moeten de beide ouders dan wel een verklaring afleggen.

Wat bij een scheiding?

Als twee gehuwden scheiden - we beschouwen hier alleen een echtscheiding met onderlinge toestemming - moeten ze een regeling treffen in verband met de kinderen. Bij wie gaan ze wanneer wonen? En hoe zit het met het ouderlijk gezag?

Gehuwden moeten deze regeling voorleggen aan de rechter, die hun echtscheiding moet uitspreken. Hij kan eventueel wijzigingen suggereren die hem in het belang van het kind lijken.

Ex-samenwoners moeten dat niet doen. Zij kunnen onderling een regeling bedisselen, die door niemand gecontroleerd hoeft te worden. Natuurlijk kunnen ze, als ze het niet eens geraken, naar de rechter stappen. Maar ze zijn daar niet toe verplicht.

Heeft een stiefouder een onderhoudsplicht tegenover zijn of haar stiefkinderen?

Neen, toch niet rechtstreeks. Maar er is één uitzondering. Stel dat Jan na een echtscheiding hertrouwd is met An. Uit zijn eerste huwelijk heeft hij twee kinderen. Als Jan dan overlijdt, kunnen zijn kinderen An wel rechtstreeks aanspreken voor hun onderhoudsuitkering. Dat heeft te maken met het erfrecht. An erft immers, als langstlevende echtgenote, het vruchtgebruik op de hele nalatenschap van Jan, dus ook op het reservataire erfdeel van Jans kinderen (zie inzet) . Dat betekent een beperking van de mogelijkheid van de kinderen om, via hun erfenis, in hun levensonderhoud te voorzien.

Als Jan en An niet hertrouwd waren, kunnen de kinderen geen onderhoudsgeld eisen van hun stiefmoeder. De kinderen erven dan immers de volle eigendom van het deel van Jans nalatenschap dat hen toekomt. En als Jan geen testament heeft gemaakt ten voordele van An, erven zijn kinderen zelfs zijn volledige nalatenschap.

Kan een tweede relatie van een ouder de kinderen uit een eerste relatie benadelen?

Zeer zeker wanneer die ouder hertrouwt, zoals blijkt uit het voorbeeld van Jan en An.

De wetgeving beschermt de kinderen van Jan echter tegen zogenaamde ,,overmatige huwelijksvoordelen'' die Jan toegekend zou hebben aan An in hun huwelijkscontract. Alles wat, via dat huwelijkscontract, aan An toekomt bovenop de helft van de aanwinsten tijdens het huwelijk, wordt beschouwd als een schenking, juist omdat Jan kinderen heeft uit een vorig huwelijk. Dat betekent dat die huwelijksvoordelen eventueel mee verrekend kunnen worden in Jans nalatenschap. Dit geldt enkel als Jan ook getrouwd is geweest met de moeder van zijn kinderen. Het desbetreffende wetsartikel heeft het immers expliciet over kinderen ,,uit een vroeger huwelijk'', niet ,,uit een vroegere relatie''.

Daarnaast bestaat er in het Belgische erfrecht nog een zeer specifieke bepaling, de zogenaamde ,,wet Valkeniers''. Volgens die bepaling kunnen Jan en An in hun huwelijkscontract een regeling treffen met betrekking tot de aanspraken die ze kunnen maken op elkaars nalatenschap. Zo kunnen ze beslissen dat An niet erft van Jan (zodat zijn volledige nalatenschap naar zijn kinderen gaat), maar Jan wel van An. Of omgekeerd. Of dat ze niet van elkaar erven.

Maar de wet Valkeniers heeft een bizar aspect: ze geldt enkel als een van de gehuwden al kinderen had voor het huwelijk. Bij een huwelijk van twee kinderloze partners - die bijvoorbeeld elk hun familievermogen intact willen houden - is een dergelijke afspraak niet mogelijk.

Als Jan en An niet getrouwd waren, kunnen zijn kinderen in principe geen materieel nadeel ondervinden van de tweede relatie van hun vader. Maar ook dan is niet uitgesloten dat er problemen ontstaan tussen An en de kinderen bij Jans overlijden. Bijvoorbeeld wanneer Jan een levensverzekering heeft gesloten met An als begunstigde - wat een vaak toegepaste praktijk is om een ongehuwde partner toch ,,verzorgd'' achter te laten. Als de premie van de levensverzekering overdreven hoog lijkt, kan ze beschouwd worden als een schenking aan An, en dus ook verrekend worden in de nalatenschap.

Kan een stiefkind erven van zijn stiefouder?

Ja. In Vlaanderen moet een stiefkind dat erft van een stiefouder zelfs maar dezelfde successierechten betalen als wanneer het van zijn eigen ouders zou erven. Het maakt geen verschil of de stiefouder en de natuurlijke ouder getrouwd waren of wettelijk samenwoonden. Het volstaat zelfs dat ze duurzaam (dat wil zeggen gedurende minstens één jaar) feitelijk hebben samengewoond.

Let wel: een stiefkind kan alleen bij testament erven, het is geen ,,wettelijke'', laat staan een ,,reservataire'' erfgenaam.

Ouders van een zogenaamd ,,nieuw samengesteld gezin'' die willen dat al hun kinderen en stiefkinderen na hun overlijden een gelijk deel van hun nalatenschap krijgen, krijgen dat soms moeilijk georganiseerd. Dat komt omdat eigen kinderen aanspraak kunnen maken op een voorbehouden erfdeel, en stiefkinderen niet.

Neem opnieuw het voorbeeld van An en Jan, maar veronderstel dat ze samen nog een derde kind hadden. Als Jan overlijdt voor An, erven de drie kinderen even veel, want ze zijn alle drie zijn natuurlijke kinderen. Maar als later ook An overlijdt, kunnen haar stiefkinderen van haar onmogelijk even veel erven als haar eigen kind. Dat laatste heeft, als enig kind, immers een voorbehouden deel dat gelijk is aan de helft van de erfenis. Dat betekent dat er voor de twee stiefkinderen elk hoogstens een kwart overblijft.

Er is wel een wetsvoorstel ingediend waardoor stiefouders testamentair kunnen bepalen dat stiefkinderen gelijkgesteld worden met hun eigen, natuurlijke kinderen.

Als dat voorstel goedgekeurd wordt, kan An haar drie (stief)kinderen dus gelijk behandelen. Maar het kan nog jaren duren voor het zo ver is.

Kan de stiefouder, na een scheiding, omgangsrecht met de stiefkinderen krijgen?

Ja. Omgangsrecht kan worden toegekend aan iedereen die aantoont dat hij of zij met het kind een ,,bijzondere affectieve band'' heeft. Het maakt dus geen verschil of de stiefouder en de natuurlijke ouder getrouwd waren of samenwoonden.

De reeks 'De ban(d) van de ring' is onder meer gebaseerd op het boek lsquoGehuwd of niet: maakt het iets uit?' Daarin brachten Caroline Forder en Alain Verbeke een aantal bijdragen van experts bijeen rond deze problematiek in Nederland en België. Het boek is verschenen bij Intersentia.