De grootste baksteenproducent ter wereld moet efficiënter werken in een moeilijke markt.

Wienerberger, de wereldwijde nummer één op de baksteenmarkt en nummer twee voor dakbekledingen in Europa, boekte tijdens de eerste negen maanden van het jaar een omzet van 1,47 miljard euro. Dat is een stijging met 11 procent tegenover dezelfde periode het jaar voordien. De operationele winst steeg tijdens de eerste drie kwartalen met 5 procent tot 332,4 miljoen euro.

Volgens gedelegeerd bestuurder Wolfgang Reithofer speelden vooral de teruglopende vraag op de Duitse, Poolse en Hongaarse bouwmarkt en de opgelopen energiekosten in het nadeel van de groep. De bijdrage van de drie landen tot de operationele winst lag 30 miljoen euro lager dan een jaar geleden en de extra energiefactuur hapte er nog eens 19 miljoen euro uit. Volgend jaar loopt die extra factuur zelfs op tot 45 miljoen euro, vreest Wienerberger.

Gelukkig, zegt Reithofer, werd die achteruitgang meer dan gecompenseerd door de verbeterde resultaten in België, Nederland, Frankrijk, Italië, Tsjechië, Oostenrijk en de Verenigde Staten.

Maar Wienerberger laat het niet bij die vaststelling. De groep legt in het totaal 17 oude en kleinere fabrieken stil, vooral in Polen, Hongarije en Duitsland. Bij driekwart daarvan gaan de deuren definitief toe en wordt de productie verplaatst naar nieuwe, meer efficiënte installaties.

Die sluitingen zullen volgend jaar voor 11 miljoen euro eenmalige uitgaven zorgen, naast 5 miljoen kassa-uitgaven en 6 miljoen euro afschrijvingen.

Ondanks de hoge energiefactuur hoopt de groep voor volgend jaar op een toename van de operationele winst met 10 procent, ,,als we er in slagen de gestegen kosten door te rekenen aan de klanten''. Ook dit jaar was 10 procent de doelstelling, maar sinds midden vorig jaar waarschuwt Wienerberger dat er niet meer dan een ,,lichte'' stijging inzit.

(lc)