Stroomstoot voor elektriciteitsproductie
Foto: © An Nelissen
In korte tijd hebben zich twee kandidaat-bouwers voor een grote elektriciteitscentrale in België gemeld. Dat maakt een einde aan tien jaar stilstand. Het vermogen van beide projecten - 820 megawatt - is gelijk aan 30 procent van de kerncentrale van Doel.

DAT in korte tijd twee projecten gelanceerd worden, is opmerkelijk omdat de voorbije tien jaar in ons land slechts één plan voor een grote centrale het licht zag. Die centrale draait trouwens nog maar enkele maanden.

Het gaat om Zandvliet Power, een centrale van Electrabel en het Duitse RWE op de terreinen van het chemiebedrijf BASF in de Antwerpse haven. Daarnaast verrezen bij verschillende grote chemiefabrieken wel enkele warmtekrachtcentrales die de productie van stoom en stroom combineren.

Het uitblijven van bijkomende centrales begint overigens meer en meer te wegen op de elektriciteitsvoorziening van ons land. Een van de grote aandachtspunten in het verleden van het Belgische energiebeleid was ervoor te zorgen dat in ons land altijd voldoende stroom opgewekt kon worden om het verbruik en de verwachte stijging van dit verbruik te dekken.

Wat in de jaren zeventig en tachtig resulteerde in de bouw van de kerncentrales.

De jongste jaren volstaat het Belgische elektriciteitspark - kernparken incluis - niet meer om de verbruikspieken op te vangen. Bij een grote vraag naar elektriciteit moet stroom ingevoerd worden vanuit Frankrijk. De volgende jaren worden overigens door de aanleg van bijkomende hoogspanningslijnen deze invoermogelijkheden gevoelig vergroot.

Maar niettemin stelde de Creg, de Belgische regulator, begin dit jaar dat ons land voor 2014 zo'n zeven bijkomende centrales nodig heeft met een totaal vermogen van 1.520 megawatt zodat België voor zijn energiebevoorrading niet te sterk afhankelijk wordt van stroominvoer vanuit de ons omringende landen. 1.520 megawatt staat gelijk aan iets meer dan 10 procent van het huidige Belgische elektriciteitspark.

De Creg adviseerde toen de bouw aan van drie grote gasgestookte centrales (Steg) van elk 400 megawatt en nog eens vier kleinere gascentrales met een vermogen van telkens 80 megawatt.

Met de recente projecten van het Limburgse chemiebedrijf Tessenderlo en Electrabel wordt nu een eerste aanzet gegeven om aan deze vraag tegemoet te komen. Tessenderlo hoopt tegen 2009 of 2010 een Steg-centrale van 400 megawatt op te starten. Een derde van de productie zal wel door de chemie-onderneming zelf verbruikt worden. Electrabel plant in het Waalse Amercoeur de ombouw van een steenkooleenheid van 130 megawatt naar een Steg-centrale van 420 megawatt. Die moet begin 2009 beginnen draaien.

Daarnaast hebben de afvalverwerkers Indaver en Sita een bouwaanvraag gedaan waarbij ze een kleine elektriciteitscentrale koppelen aan hun nieuwe huisvuilverbrandingsoven in de Antwerpse haven.

En er worden nog enkele grote projecten voorbereid. Electrabel, de tandem SPE-Gaz de France en EdF zijn in de running voor de bouw van een zeer grote centrale (tot 800 megawatt) op de terreinen van het staalbedrijf Sidmar in de Gentse haven terwijl elektriciteitsleverancier Nuon stelt dat het verscheidene projecten in de lade heeft liggen die samen goed zijn voor een vermogen van 700 megawatt.

Zullen deze projecten volstaan om de energiebevoorrading van België te verzekeren?

Dat hangt ook af van Electrabel en Belgische regering. Electrabel heeft de voorbije jaren de productie van verscheidene centrales stilgelegd of verminderd. De verwachting is bovendien dat het de komende jaren nog enkele oudere eenheden zal sluiten.

Verder staat België vanaf 2015 voor een geleidelijke sluiting van de kerncentrales. Die centrales dekken vandaag bijna 60 procent van het Belgische verbruik.

De regering verwacht in de loop van 2006 een rapport van een commissie van Belgische experts over de energiebevoorrading van ons land tot 2030

. (pse)