BRUSSEL -- De Sabena-commissie heeft vooral haar nut gehad als conflict manager. Het conflict tussen de overheid als bestuurder en de werknemers is verzacht doordat we een beter inzicht hebben gekregen in de complexiteit van de schuld. In die zin was ze geen maat voor niets, zegt onderzoekster Sofie Staelraeve.

Staelraeve analyseerde de parlementaire onderzoekscommissies in België van 1820 tot nu, en focuste op de Sabena-commissie. Dat sommige waarnemers ontgoocheld reageren op de commissie, heeft volgens haar ook te maken met het onrealistische verwachtingspatroon. ,,De commissie heeft zoveel mogelijk informatie verzameld, sterke vaststellingen gemaakt, alleen de laatste bocht met rechtstreekse wetsvoorstellen is niet genomen. Maar dat is met de meeste onderzoekscommissies zo, een uitzondering als de commissie Mensenhandel niet ten na gesproken.''

Toch zijn er geen politieke namen geplakt op de fouten die zijn vastgesteld.

Dat is juist. Dat de verkiezingen zo dichtbij zijn, en dat bijna alle politieke partijen wel ministers van Verkeer of Overheidsbedrijven gehad hebben of mee in het beleid zaten, heeft daarin meegespeeld. Het politieke spel heeft daar de overhand gehaald.

Dat de opmerkingen over Verhofstadt en Daems in het rapport mee goedgekeurd zijn door de VLD-fractieleden, is anderzijds toch een bewijs dat de commissie boven het politieke geruzie van elke dag stond. Die opmerkingen waren overigens zeer terecht (Sofie Staelraeve is zelf ook actief Jong VLD-lid, red.) . De laatste dagen woog het politieke spel evenwel door. Maar ook de vaststellingen zeggen toch al veel over de verantwoordelijkheden.

Een onderzoekscommissie over een economisch thema is heel moeilijk, stelt u in uw onderzoek.

Dat was hier absoluut zo. Vooral bij het begin van de werkzaamheden van de commissie is gebleken dat veel leden geen kaas gegeten hadden van specifieke luchtvaartbegrippen, vennootschapswetgeving, enzovoort. Bovendien leek het ook vaak op een ver-van-mijn-bed-show, veel meer dan bij pakweg de Dutroux-commissie. Daar volgden pers en publiek de werkzaamheden op de voet omdat het om zulke tastbare gebeurtenissen ging.

Politici roepen almaar meer naar parlementaire onderzoekscommissies. Tot en met een commissie voor de moord op een politicus 50 jaar geleden of de dynamitering van de IJzertoren.

Spaarzaamheid is geboden. Anders wordt het belang ervan ondermijnd. De relevantie moet worden afgewogen. Wat zal het nut zijn van een onderzoekscommissie voor de moord op Lahaut? Het enige onrechtstreekse gevolg die dat soort commissies hebben, is een rekruteringseffect. De Sabena-commissie kan, zeker zo dichtbij de verkiezingen, een electoraal effect opleveren bij actieve leden als Ludo Van Campenhout (VLD), Servais Verherstraeten (CD&V), Hans Bonte (SP.A) of Lode Van Oost (Agalev).

  • Sofie Staelraeve, Parlementaire onderzoekscommissies: zin en onzin, Academia Press, 2003, 102 blz., 6,5 euro.