De top van Electrabel en verantwoordelijken van grote industriële elektriciteitsverbruikers komen morgenmiddag bijeen voor een uitzonderlijk overleg over de forse stroomprijsverhogingen die Electrabel aan verschillende grote bedrijven presenteert. Die duurdere stroom voor de grote bedrijven blijkt slechts het tipje van een ijsberg te zijn. Een groot deel van de 2.200 Vlaamse bedrijven die begin 2002 de handen vrij krijgen om stroom te kopen, moet vooral proberen een tariefstijging te vermijden. Amper anderhalf jaar geleden ging iedereen er nog vanuit dat ze zouden profiteren van forse prijsdalingen.

Het wantrouwen bij verschillende grote stroomverbruikers tegenover de aanpak van Electrabel is inderdaad heel groot'', erkent Tony Vandeputte, gedelegeerd bestuurder van de werkgeversorganisatie VBO, waar de vergadering plaatsvindt.

De ontgoocheling is zeer groot omdat amper anderhalf jaar geleden iedereen ervan overtuigd was dat de vrijmaking van de Belgische elektriciteitsmarkt zeer snel zou leiden tot belangrijke prijsdalingen. Meer concurrentie tussen de elektriciteitsbedrijven moest en zou de stroom goedkoper maken.

Vandaag stellen we vast dat er amper concurrentie is op de Belgische elektriciteitsmarkt en dat tegelijk verschillende grote stroomverbruikers geconfronteerd worden met stijgende prijzen, zo vat Vandeputte het probleem samen. ,,Een koude douche'', besluit hij.

De eerste liberaliseringsgolf in België heeft ervoor gezorgd dat vooral heel grote stroomverbruikers de vrije keuze hebben om stroom te kopen. Deze stroomklanten -- zo'n 200 -- zijn stuk voor stuk grote industriële bedrijven. De twee grootste zijn het chemiebedrijf BASF en de non-ferrogroep Umicore. Maar het ,,shoppen'' tussen stroomverkopers is gedaan.

Waarom?

Omdat buitenlandse stroomverkopers geen inspanningen meer leveren om contracten te sluiten met Belgische elektriciteitsverbruikers. De enige echte concurrent van Electrabel totnogtoe, het Duitse RWE Plus, levert alleen nog aan de bedrijven waarmee het contracten heeft. Dat zijn er elf waaronder BASF, Tessenderlo Chemie en Ford Genk.

Wie vandaag op zoek is naar stroom, krijgt nog maar één prijs: die van Electrabel.

En de tarieven van Electrabel liggen vandaag heel wat hoger dan twee jaar geleden. Gemiddeld 30 procent, maar de tariefstijging loopt soms op tot 75 procent. Als alle vrijgemaakte bedrijven toe waren aan een contractvernieuwing, dan zou dat een extra energie-uitgave van 140 miljoen euro (5,6 miljard frank) betekenen voor het Belgische bedrijfsleven, blijkt uit wat cijferwerk.

Electrabel verdedigde de voorbije weken de tariefstijgingen door te verwijzen naar de aanhoudende prijsverhogingen van brandstoffen zoals aardgas en stookolie tijdens het afgelopen jaar en de dollarkoers. ,,Overal in Europa worden grote industriële klanten die een nieuw stroomcontract willen afsluiten, geconfronteerd met prijsverhogingen'', stelt Electrabel-woordvoerster Françoise Vantemsche.

Volgens Peter Claes van Febeliec is dat maar een deel van het verhaal. Febeliec, dat de grote Belgische industriële elektriciteitsklanten groepeert, wijst erop dat de brandstofprijzen het afgelopen jaar gemiddeld met 15 procent zijn gestegen, terwijl de tarieven van Electrabel met gemiddeld 30 procent omhoog gaan.

Electrabel zegt dat het maar om een handvol klanten gaat die hun stroomtarief nu met meer dan 15 procent zien stijgen. ,,Het gaat om klanten die in 1999 via kortetermijncontracten optimaal profiteerden van de lage elektriciteitsprijzen.'' De grote industriële verbruikers zijn niet opgezet met deze terechtwijzing van Electrabel. In 1999 daalden de prijzen ook, omdat Electrabel voor de eerste keer geconfronteerd werd met concurrentie. Maar het bleef bij een kortstondige concurrentieslag tussen de Belgische stroomproducent en het Duitse RWE Plus.

Vandaag klinkt de kritiek almaar luider dat Electrabel geen kans onbenut laat om te profiteren van de gebrekkige vrijmaking van de Belgische elektriciteitsmarkt. Volgens VBO-voorman Tony Vandeputte moeten er duidelijke antwoorden komen op de vraag of Electrabel al dan niet de Belgische markt tracht af te schermen.

Een van de grote splijtzwammen is de manier waarop het hoogspanningsbedrijf Elia -- met Electrabel als meerderheidsaandeelhouder -- en zijn Franse evenknie RTE de vrije capaciteit van de hoogspanningslijnen tussen Frankrijk en België veilen. Die veiling begint op 15 november.

Volgens de twee netbedrijven kan slechts 500 megawatt geveild worden en blijft de resterende capaciteit -- zo'n 1000 megawatt -- voorbehouden aan langetermijncontracten van Electricité de France en Electrabel. Een deel dient ook om de stabiliteit van het Belgische hoogspanningsnet te waarborgen.

Volgens RWE Plus maakt de veiling een eind aan de concurrentiewerking op de Belgische stroommarkt. Vrijdagmiddag wordt Electrabel-topman Willy Bosmans waarschijnlijk geconfronteerd met de vraag of zijn bedrijf plannen heeft om via de opkoop van de stroominvoercapaciteit de concurrentie van de Belgische markt te houden.

Febeliec pleit er alvast voor om Electrabel beperkingen op te leggen. ,,Ik weet dat zo'n maatregel ingaat tegen de vrije markt, maar het is de laatste kans om te garanderen dat de concurrentie kan spelen op de Belgische elektriciteitsmarkt'', stelt Peter Claes van Febeliec.