BRUSSEL -- Zoals allicht bij veel bedrijven in dit land, vinden wij onze loonbrief doorgaans zo'n tien dagen na het einde van de maand waarop hij betrekking heeft in ons postbakje. Groot was onze verwondering einde vorige week toen we van onze chef plots twee brieven toegestopt kregen. Even klopte het hart ons in de keel. Was dit de vergissing in ons voordeel waar we al jaren op hopen? Of ontslag om dringende redenen omdat we wat te hard van stapel zijn gelopen in deze rubriek? Geen van beide, zo bleek. Wel een verklaring over de ,,Toekenning van de vermindering wegens gezinslasten''.
Als we even verder lezen, blijkt het voor de meesten onder ons te gaan over de vraag wie de kinderen in het gezin ,,ten laste'' neemt, de man of de vrouw. Meteen werd ook duidelijk waarom alleen de gehuwden onder ons een tweede enveloppe in het postvakje vonden. Partners die ongehuwd samenwonen, hebben immers al jaren geleden die keuze moeten maken. Zij moeten uitmaken wie het ,,gezinshoofd'' is en die heeft recht op de aftrek.

Gehuwden niet. Bij hen wordt automatisch verondersteld dat de partner met het hoogste inkomen aan het hoofd staat van het gezin. In de overgrote meerderheid van de gevallen zal dat de man zijn -- fiscaal dan toch -- omdat die meestal voltijds werkt en daardoor het hoogste inkomen geniet. In het koninklijk besluit dat de zaak regelt, is zelfs expliciet sprake van ,,de man,'' hoewel een paragraaf verder van ,,het hoogste inkomen'' wordt gesproken.

België werd daarover door de Europese Commissie op de vingers getikt. ,,Discriminatie'' zo luidde het. Man en vrouw moeten zelf kunnen kiezen wie de kinderen ten laste neemt.

Bovendien gaan we op één januari 2004 weer een stap verder in de fiscale hervorming die enkele jaren geleden begonnen is, en die er uiteindelijk zou moeten toe leiden dat we met z'n allen minder belastingen gaan betalen.

Vanaf 1 januari worden de inkomsten van beide huwelijkspartners fiscaal volledig ontkoppeld of ,,gedecumuleerd'', net alsof ze niet gehuwd zijn. Gehuwden genieten al jaren een decumul van hun beroepsinkomsten, maar op 1 januari wordt die in het kader van de belastinghervorming uitgebreid tot alle inkomsten, ook uit spaargeld en vastgoed.

Bijgevolg moeten gehuwde partners nu ook kiezen wie de kinderen ,,ten laste'' zal nemen. En daarom moeten we dezer dagen met z'n allen formulieren invullen. In de praktijk maakt het financieel meestal niet uit wie ,,gezinshoofd'' wordt, tenzij een van beide partners geen inkomen heeft of bijzonder weinig verdient.

De ,,kinderlast'' wordt immers in rekening gebracht door middel van een verhoging van de belastingvrije som die we allemaal genieten. Die som wordt jaarlijks aangepast aan de evolutie van de index. Voor de inkomsten van dit jaar betalen we als gehuwden geen belasting op de eerste schijf van 4.610 euro. Alleenstaanden (dus ook ongehuwd samenwonenden) genieten voorlopig nog een verhoogde vrijstelling van 5.570 euro.

Per kind dat iemand ten laste heeft, wordt die belastingvrije som verhoogd. Voor het eerste kind met 1.180 euro en voor twee kinderen met 3.050 euro. In gezinnen met drie kinderen krijgt een van de huwelijkspartners een verhoging met 6.830 euro, en met vier kinderen loopt het extra bedrag al op tot 11.040 euro. Per bijkomend kind wordt die som nog eens verhoogd met 4.220 euro.

De belastingvermindering voor kinderen ten laste gebeurt dus in de laagste schijven van het inkomen. Als beide ouders uit werken gaan en een normaal inkomen genieten, maakt het dus niet uit wie de kinderen ten laste neemt, tenzij het aantal kinderen erg hoog oploopt.

Voor een ,,klassiek'' gezin met twee kinderen en twee werkende ouders, loopt de belastingvrije som op tot 7.660 euro. Pas als een van beide ouders op jaarbasis minder verdient dan dat bedrag, maakt het uit wie gezinshoofd wordt. Met zes kinderen ten laste loopt de belastingvrije som op tot 24.090 euro, en dat is uiteraard al heel wat anders.

Maar zelfs als een van beide partners niet werkt, hoeft de titel van ,,gezinshoofd'' nog niet noodzakelijk aan hem of haar voorbij te gaan. Dankzij het huwelijksquotiënt wordt immers 8.030 euro fictief overgedragen naar de niet-werkende echtgenoot. Zolang de belastingvrije som waarop het gezinshoofd recht heeft niet boven dat bedrag uitstijgt, kan ook de partner zonder inkomen de kinderen ten laste nemen, zonder fiscaal nadelige gevolgen.

Hoewel. Door de kinderen ten laste te nemen wordt ook de maandelijkse afhouding van het brutoloon wat verminderd. De fiscus anticipeert op die manier op de belastingvermindering die de betrokkene voor dat jaar zal genieten. Als het gezinshoofd geen inkomen heeft, kan het dus ook geen verlaging genieten van de bedrijfsvoorheffingen dat weegt uiteraard op het maandelijks beschikbare gezinsbudget. Het gezin zal de aftrek voor kinderen ten laste dan pas het jaar nadien genieten, als de afrekening van de fiscus komt.

Op die manier kan het ten laste nemen van de kinderen ook een manier zijn om de inkomens van beide huwelijkspartners wat meer in evenwicht te brengen. Beelden we ons even in dat de man die de twee kinderen nu ten laste heeft, een netto-maandinkomen geniet van 2.000 euro, terwijl de vrouw het moet stellen met 1.500 euro per maand.

Door de titel ,,gezinshoofd'' door te schuiven naar de partner met het laagste inkomen zal de vrouw maandelijks rond 1.700 euro op haar rekening krijgen, terwijl de man zowat 1.800 euro netto zal ontvangen. Nagenoeg evenveel dus.