België antwoordt op Europese kritiek op NMBS-structuur
Foto: photo news
Wie in de raad van bestuur van de NMBS-holding zit, zal niet meer in de raad van bestuur bij spoorbeheerder Infrabel kunnen zetelen, en omgekeerd. Daarmee komt ons land tegemoet aan een vraag van Europa.
De Europese commissie stelde België op 26 juni in gebreke omdat ons land de richtlijnen van het eerste spoorwegpakket onjuist en onvolledig zou hebben uitgevoerd. De kritiek had betrekking op de institutionele onafhankelijkheid van de 'essentiële functies', de gebruiksvergoeding aangerekend aan de spoorwegondernemingen en de onafhankelijkheid van de spoorregulator.

Ons land kreeg twee maanden de tijd om aan de vraag te voldoen. Dat gebeurt vandaag dus op de valreep.

In hun antwoord kondigen minister van Overheidsbedrijven Inge Vervotte en staatssecretaris voor Mobiliteit Etienne Schouppe aan dat ze de regering gaan voorstellen dat het lidmaatschap van de raden van bestuur van Infrabel en de NMBS-holding onverenigbaar is.

Bestuurders van Infrabel en de hogere kaders van de directie Toegang tot het Net zullen ook binnen een zekere periode niet kunnen overstappen naar de NMBS-holding of een andere spoorwegonderneming.

Etienne Schouppe wijst er de Europese Commissie voorts op dat België wel degelijk een gebruiksheffing met prestatieregeling heeft ingevoerd (artikel 24 van de wet van 4 december 2006 over het gebruik van de spoorweginfrastructuur). Sinds eind 2007 sluit de infrastructuurbeheerder een Service Level Agreement af met elke rijdende spoorwegonderneming, luidt het nog in het antwoord.

Tenslotte wijst Etienne Schouppe er nog op dat hij een directe administratieve autoriteit uitoefent over de spoorregulator, maar dat hij er geen hiërarchische bevoegdheid over heeft. De regulator oefent zijn functie in alle onafhankelijkheid uit en beschikt vanaf 2009 over een eigen budget, huisvesting en ICT.