In Brussel schrijven verschillende Nederlandstalige huisdokters zich in bij de wachtdienst voor Franstalige artsen opdat ze minder wachtdiensten zouden moeten doen. Aan Nederlandstalige kant is de werklast namelijk veel te groot, en bovendien is de vergoeding bijzonder laag. Dat zegt dokter Milhan Roex, voorzitter van de Brusselse Huisartsen Kring (BHAK), woensdag.
MediNetPro, het internettelevisiejournaal voor artsen en apothekers, meldt in zijn jongste uitzending dat steeds meer Nederlandstalige Brusselse artsen proberen te ontsnappen aan de wachtdienst door zich op de lijst voor de Franstalige wacht in te schrijven.

"Dat het er ’steeds meer’ zijn, zou ik niet zeggen. Het klopt dat er een aantal zijn, maar dat fenomeen is al enkele jaren aan de gang", zegt Milhan Roex. Zijn vereniging, de BHAK, telt 54 leden. Daarbovenop zijn er nog zo’n vijftien à twintig Nederlandstalige artsen in Brussel, schat Roex, die niet bij de BHAK zijn ingeschreven.

"In de hele Brusselse agglomeratie zijn er dus een zeventigtal Nederlandstalige artsen. De Franstaligen zijn met tweeduizend. De werklast voor de wachtdiensten is dus totaal verschillend", legt Roex uit. "Bij onze leden doet dat een aantal vragen rijzen."

Fusioneerden de Nederlandstalige wachtorganisatie en de BHAK enkele jaren geleden, dan bestaan er aan Franstalige zijde nog aparte wachtposten en wachtorganisaties. "Schrijf je je aan Franstalige kant in bij een wachtdienst en betaal je er je lidgeld, dan krijg je een wachtattest, wat betekent dat je kunt deelnemen aan de wachtdienst.

Je hebt dat attest bovendien nodig voor je erkenning als arts en voor je jaarlijkse vergoeding van het Riziv", aldus Roex. "Doordat er artsen zijn die die erkenning en die vergoeding makkelijker willen bekomen, vloeien er bij ons leden weg."

Tegen het overstappen naar een andere wachtdienst rijst geen enkel wettelijk bezwaar. De BHAK werkt daarom zelf aan een aantal hervormingen om grotere afvloeiingen te vermijden. Roex: "We willen de wachtzones hervormen, zodat er minder wachten moeten worden gedaan, en we willen chauffeurs voor de artsen van wacht, zodat de werklast wordt verlicht."

Voor het chauffeursysteem, dat een eerste vereiste is om de wachtzones te kunnen hervormen, werd een subsidieaanvraag ingediend bij de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) en de Vlaamse Gemeenschap, zegt Roex. De VGC heeft die al toegezegd, de Vlaamse Gemeenschap nog niet. "Daarom zijn we nog niet aan onze hervormingen toegekomen", zegt Roex.

Er worden nog andere hervormingen van de Nederlandstalige wachtdienst gepland. "Dat wordt binnenkort besproken op onze raad van bestuur. Want teveel afvloeiingen ondergraven de BHAK", besluit Roex.